Bij deze weer een teken van leven van mij na een kleine drie weken durende vakantieperiode. In het geval u zelf nog van uw vakantie geniet dan is dat beurstechnisch gezien prima getimed, want de komkommertijd heeft ook op de beursvloer toegeslagen. Of is het slechts een verlenging van de matte beursperiode die zich eigenlijk gedurende heel 2010 al voortsleept.

Door Leon Hillen | Vermogensvisie. In samenwerking met Belegger.nl

Zelden heb ik vanaf een vakantieadres zo achteloos de beursberichten aan me voorbij kunnen laten trekken. Zelden heb ik zo weinig het gevoel gehad dat ik met mijn afwezigheid wat van de actie zou missen. Maar het is dan ook al lang geleden dat de beursindex over zo’n lange periode zo weinig van de plaats kwam en dat de volumes, op die van enkele grote aandelen na, zo zijn ineengeschrompeld.

Wie op 31 december de deur van de beursvloer achter zich dichttrok en vandaag terugkomt, zou kunnen denken dat er niets gebeurd is in de tussenliggende 7 maanden. Toen stond de AEX op 335, nu een paar punten erboven en het lijkt alsof die 335 als een magneet fungeert zodra we er onder of boven noteren.

Ongezond

Echt leuk is dit niet. Het leven van een beursvorser is spannender als er flinke uitslagen zijn of opwindende ontwikkelingen rond individuele aandelen. Eigenlijk moet je medelijden hebben met de media die elke dag moeten berichten over de beursontwikkelingen die dag, want er valt soms gewoon weinig te melden en de stortvloed aan macro’s en bedrijfscijfers wil maar geen richting geven aan de beurskoersen.

Echt gezond is het ook niet. Marktbreed gezien nemen de volumes schrikbarend af en ligt een groot aantal beursnoteringen er doods bij. Het is geen vetpot voor zij die actief zijn in deze branche of voor hun inkomsten afhankelijk zijn van commissies en provisies. Ook voor mijzelf valt er momenteel weinig te beleggen en weinig te handelen. Ik dreig bij het schrijven over de beurs in herhaling te vallen. Er is weinig nieuws onder de horizon.

Halfjaarcijfers

Okay, ik kan berichten over de stroom aan halfjaarcijfers die deze weken over ons wordt uitgestort. Maar ook hier geldt dat sommige meevallen, andere weer tegenvallen, maar dat het effect van die cijfers beperkt blijft tot een, maximaal twee dagen. Ik zie op dit moment weinig sectoren die in staat zijn beter te presteren over langere termijn. En weinig beursnoteringen die zich los van het landerige beurssentiment weten te bewegen in opwaartse richting.

De gemene deler van de huidige halfjaarcijfers is dat ze zeker niet tegenvallen en dat er over het tweede kwartaal veelal flinke omzet- en winststijgingen worden gemeld. Enerzijds is dat echter niet verbazingwekkend afgezet tegen het tweede kwartaal van 2009, waar de recessie die in 2008 intrad zich flink deed voelen.

Anderzijds gaan de goede cijfers vergezeld van de nodige twijfel over de houdbaarheid ervan. Het economisch herstel is dermate aarzelend en naar te vrezen valt weinig duurzaam, zodat het herstel in omzet- en winstcijfers mogelijk eenmalig is en spoedig zal afvlakken. In dat geval is ook de fantasie uit bedrijfscijfers en dus aandelenkoersen sterk verminderd.

Schuldenprobleem

Voor wie, net als ik, de richtingloosheid en landerigheid op de beurs een beetje zat wordt, is er hoop. Dit soort perioden duurt nooit eindeloos voort en op gegeven moment is er altijd wel weer een ontwikkeling die de knuppel in het hoenderhok gooit. Voor je het weet loopt de vakantieperiode op zijn einde en breken de historisch gezien volatiele maanden september en oktober aan.

Daarenboven heb ik zelf een gevoel van een stilte voor de storm, omdat de financieel-economische realiteit eigenlijk geen rechtvaardiging geeft aan een al te lange sur place op de beursvloer. De stabiele beurskoersen van dit moment zijn meer gestoeld op een instabiel economisch fundament, dat nog altijd wordt gekenmerkt door een schier onoplosbaar schuldenprobleem.

Staatsschuld

In brede kring wordt inmiddels onderkend dat het probleem met de staatsschulden onbeheersbaar dreigt te worden, want niet op een normale manier af te lossen. Hiervoor zijn die schulden te fors opgelopen en ontbreekt de noodzakelijke sterke economische groei om ze natuurlijk op te kunnen vangen. De blijvende (her)financieringsbehoefte zou in een normale situatie leiden tot een flink oplopende rente, wat funest is voor het totale investeringsklimaat en de overheden met te zware jaarlijkse rentekosten op zou zadelen.

Als er zoals nu veel meer aanbod aan staatsobligaties is dan vraag, zou de markt een hogere rentevergoeding eisen. Dit wordt echter tegengegaan doordat de overheden zelf deze obligaties opkopen, met kunstmatig gecreëerd geld. Zolang dat goed gaat blijft de rente op staatsleningen (zeg maar de lange rente waar ook onze hypotheekrente uit voortkomt) laag en is het schuldenprobleem beheersbaar, met als risico dat de lage economische groei uitmondt in een deflatoir klimaat zoals we dat al lange tijd in Japan hebben gezien.

Fantoomgeld

Zodra echter het trucje van het opkopen van eigen obligaties middels fantoomgeld niet meer werkt zou de obligatiebubbel kunnen knappen met alle nare gevolgen van dien. De meest nare ervan is een kortstondige maar snelle rentestijging (hyperinflatie) wat zeer slecht is voor de waarde van staatsleningen maar alle andere vermogenscategorieën de hoogte in kan stuwen. In zo’n situatie kunnen beursindices gerust tientallen procenten toenemen alvorens de ontnuchtering toetreedt.

Er lijkt aldus sprake van een wankel evenwicht tussen enerzijds lage rente (welke niet te laag mag worden om van deflatie te spreken) en anderzijds een dreigende rentestijging gepaard gaande met (hyper)inflatie mochten bestaande schulden niet meer geherfinancierd kunnen worden. Zolang we op dat wankele evenwichtslijntje vertoeven kunnen beurskoersen over langere periode gelijk blijven. De hoop dat spontane economische groei ons meer vaste grond onder de voeten geeft, lijkt op dit moment nog ijdel.

Leon Hillen is een 'selfmade' beursdeskundige en expert op het gebied van stockpicking. Volg hem ook via http://twitter.com/leonhillen