Ik heb er jaren keihard aan gewerkt zo multifunctioneel mogelijk te zijn. Overal inzetbaar, veel leren en veel complimentjes opstrijken. Gadverdamme, denk ik bij nader inzien.

Die zeer confronterende spiegel heb ik mezelf ook maar weer eens voorgehouden toen ik met mijn compagnon onze onderneming Janus Kizuna op ging zetten. Ik ben goed in het herstructureren van ondernemingen, ik ben goed in het opzetten van nieuwe bedrijfsonderdelen, meer rendement realiseren en het coachen van mensen.

Maar de lijst van dingen waar ik niet goed in ben is vele malen groter. Ik ben slecht in details, ik ben slecht in het hebben van geduld met kleine kinderen, ik heb ook erg veel respect voor de dames en heren die in kinderopvang werken. Maar ik ben ook slecht in huishouden en mijn kledingkast netjes houden en ik vind cijfers vervelend en beperk me dan ook tot het gebruik in stuurinformatie voor mijn werk.

Multifunctioneel

En inmiddels vind ik het prima uit te spreken waar ik niet goed in ben, maar daar heb ik wel enkele jaren over moeten doen. Waar ik carrière maakte was het goed om als vrouw multifunctioneel te zijn, ze konden je overal inzetten en als manager wist je alles.

Het leerproces vond ik nog wel leuk, maar ik kwam er snel achter dat ik het niet allemaal zelf hoefde te doen om toch te weten hoe het werkte, hoe je die mensen aan moest sturen en hoe je processen kon optimaliseren. Maar ik bleef het wel doen, waarom? Omdat ik in de stroom meeging dat multifunctionaliteit goed was, en vrouwen beheersen dit nu eenmaal beter dan mannen.

Inzetbaar

Ik geloof dat ik het een hele tijd wel stoer vond, maar begon me langzaam te realiseren dat het me - behalve het een keer gedaan te hebben - geen moer interesseerde om alles te kunnen en overal inzetbaar te zijn. Terugkijkend besef ik dat dit te maken had met mijn ontwikkeling als mens, als functionaris en het feit dat ik me voorzichtig begon af te zetten, mijn licht anarchistische inslag kwam boven drijven.

Discussies met mijn mentor en mijn toenmalig leidinggevende brachten hen niet tot inzicht dat het helemaal niet verkeerd was om niet alles te kunnen. Ik moest me verder in de breedte bekwamen. We kwamen niet nader tot elkaar en hoewel ik me jaren prettig heb kunnen ontwikkelen binnen het concern, was enig moment de koek op.

Directeur

Tegen de tijd dat ik buiten het concern een aanstelling als directeur kreeg, realiseerde ik me dat ik een generalist ben en geen specialist, hooguit een specialist in het generalisme. En sindsdien ben ik er helemaal klaar mee dat we – en vooral vrouwen - dat multifunctionele zo nodig moeten beheersen en zelfs cultiveren.

Maar ik zie tot op de dag van vandaag dat veel managers dit op een ietwat pusherige manier “opleggen” onder het motto dat de medewerker dan van alle markten thuis zou zijn. En hoewel hier zeker een kern van waarheid in zit, moet je mijns inziens als manager ook oog houden voor de individuele kwaliteiten van de man of vrouw en waar hij of zij zich prettig bij voelt.

De specialist wil zich specialiseren en de generalist kan verder getraind worden op deze aspecten. En dat is goed, want beide type functionarissen heb je immers nodig in een onderneming.

Helma van Wanrooij en Eelkje Oldenburger zijn eigenaar van Janus Kizuna. Zij herstructureren bedrijven (advies en interim) en bieden persoonlijke begeleiding aan leiders. Capabiliteit en vertrouwen zijn de kernwaarden. Gecertificeerd DNA Wealth Mentor.