De één voelt de noodzaak voor de introductie van technologische hulpmiddelen, de ander wil er juist van af. Over het nieuwe wielrennen, het oude voetballen, de schoonheid van de sport en de stugheid van de organisaties.

Frans van Casteren | ASI Consulting

Met de start van ‘la grande boucle’ in het vooruitzicht en het WK voetbal dat zijn apotheose gaat bereiken, is het interessant om te zien hoe de organisatoren – in dit geval de UCI en de FIFA - omgaan met de invloed van technologische hulpmiddelen op de sport.

Alles voor het spektakel

Wielrenners staan bekend om hun voorliefde voor allerlei soorten hulpmiddelen: technologisch, spiritueel en intraveneus. Alles wat kan bijdragen aan de eindoverwinning, wordt met beide handen aangegrepen.

Daarom is het niet vreemd dat wielrenners en hun ploegleiders heftig weerstand boden toen ze hoorden dat hun omstreden ‘oortjes’ deze tour waarschijnlijk voor de laatste keer gebruikt mogen worden.

De UCI wil van de oortjes af om te zorgen dat renners meer vrijheden krijgen in hun acties, het overzicht tijdens de wedstrijd vermindert en het koersverloop aantrekkelijker wordt. Volgens de renners zorgen de oortjes ervoor dat de sport veiliger en transparanter wordt, waardoor de sterkste wielrenner of ploeg wint.

Fair play

Het voornemen van de UCI -technologisch hulpmiddel verbieden, onvoorspelbaarheid en ‘puurheid’ van de sport stimuleren- lijkt haaks te staan op de beweging die de FIFA de komende jaren gaat maken. Laatstgenoemde zal naar alle waarschijnlijkheid onder druk van buitenaf technologische hulpmiddelen juist gaan toestaan om het spel transparanter te maken en de beste ploeg te laten winnen.

Waar de UCI deze week bij het NK wielrennen zelf een dictatoriaal ‘nee’ mededeelde aan de buitenwereld over het gebruik van oortjes, hoorde de FIFA ongeveer tegelijkertijd van buitenaf een dwingend verzoek vóór het gebruik van technologische hulpmiddelen.

Traagheid

Zonder verder in te gaan op welke variant de voorkeur verdient, is het bijzonder opmerkelijk om te zien hoe traag deze instituties reageren op de invloed van technologie op hun core business. Al helemaal gezien de enorme invloed die deze heeft op het uiteindelijke product en kant-en-klaar oplossingen die zich in de praktijk al aangediend hebben.

Tijdens de wedstrijd Engeland-Duitsland wist bijvoorbeeld iedereen (behalve het arbitrale trio?) middels een groot scherm in het stadion dat de bal wel degelijk de doellijn had gepasseerd. Dit is slechts één van de incidenten die de kwaliteit van het product voetbal tijdens het WK nadelig heeft beïnvloed.

Awareness

De FIFA zou een voorbeeld kunnen nemen aan het niveau van awareness dat bestaat bij de FIA (Formule 1), welke scherp in de gaten heeft hoe sterk de invloed van technologie is op hun sport en voortdurend manieren zoekt om hier mee om te gaan. Los van de uitwerking van het hierin voorgestane beleid op de sport, is het goed om te zien dat er instanties bestaan die hier weldegelijk actief mee bezig zijn.

Het lijkt me eigenlijk ook niet meer dan normaal dat dergelijke organisaties hiervoor zo nu en dan een strategische sessie houden. Een eenvoudige PESTLE of SWOT analyse zou de FIFA waarschijnlijk al een stuk op weg helpen… of zou de onderste lade van het bureau van Sepp Blatter er vol mee liggen?

Frans van Casteren is Consultant bij ASI Consulting