Er zijn twee soorten giften: de gewone giften en de periodieke giften. Voor het aftrekken van gewone en periodieke giften gelden verschillende voorwaarden.

Een belangrijke voorwaarde voor het aftrekken van een gewone gift is dat de schenker deze gift moet doen aan een Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI). Zie hierover het onderdeel ‘Schenkingen aan stichtingen en verenigingen’ in deze special.

Voor giften die niet in de vorm van periodieke uitkeringen zijn gedaan, de gewone giften, geldt in 2010 een drempel van 60 euro of als dat meer is 1 procent van het verzamelinkomen (vóór toepassing van de persoonsgebonden aftrek). Daarnaast moeten mensen er rekening mee houden dat giften gemaximeerd zijn tot 10 procent van dat inkomen. Bij partners geldt dat zij hun gewone giften en hun verzamelinkomens moeten samenvoegen.

Giften

Giften die de vorm hebben van het afzien van een vergoeding van kosten voor vervoer per auto, anders dan per taxi, worden in aanmerking genomen voor 0,19 euro per kilometer.

Giften zijn aftrekbaar als zij zijn gedaan aan een kerkelijke, levensbeschouwelijke, charitatieve, culturele, wetenschappelijke of algemeen nut beogende instelling. Aftrek is alleen mogelijk als de bedoelde instellingen door de Belastingdienst als algemeen nut beogende instelling (ANBI) zijn aangemerkt.

De instelling mag ook gevestigd zijn in de lidstaten van de EU, de Nederlandse Antillen of Aruba.

Periodieke giften

Onder voorwaarden zijn giften in de vorm van periodieke uitkeringen volledig aftrekbaar. De voorwaarden zijn:
• de gift is vastgelegd bij een notaris;
• de gift wordt minstens 1 keer per jaar overgemaakt naar een instelling of een vereniging;
• deze bedragen moeten steeds (ongeveer) even hoog zijn;
• de gift moet vijf jaar of langer duren;
• de instelling of vereniging levert geen tegenprestatie voor de gift.

Voor periodieke giften geldt geen drempelinkomen of maximaal aftrekbaar bedrag!