AMSTERDAM - Familiebedrijven vormen de ruggengraat van de economie. In deel zeven van deze serie: Simon Lévelt. “Koffie is hot. Het negatieve imago van vroeger, dat koffie ongezond zou zijn, is verdwenen,” aldus Mikkel Levelt, die als zesde generatie aan het roer staat van de koffiebranderij en theehandel.

“Veel jongeren dronken geen koffie meer, maar Senseo en Starbucks hebben daar verandering in gebracht.” Koffie is weer hip en daar profiteert Simon Lévelt ook van.

Toch zitten in het assortiment maar twee varianten koffiepads. “Klanten die bij ons in de winkel komen zijn toch meer uit op specialiteiten, bonen, versgemalen en koffie voor andere zetsystemen.”

Winkels

Simon Levelt opent in 1817 een winkeltje aan de Prins Hendrikkade in Amsterdam om koffie en thee te verkopen. Die winkel groeit uit tot koffiebranderij en theehandel Simon Lévelt. “De bedrijfsnaam is met een streepje; onze familienaam niet”, legt directeur Mikkel Levelt uit.

Het bedrijf heeft inmiddels meer dan veertig winkels in Nederland en België, grotendeels geleid door franchisenemers. “Zelfstandige ondernemers staan anders in de winkel dan personeel.”

Levelt 460

“Normaal openen we drie winkels per jaar, in 2009 waren dat er acht.” Ook draaien drie Simon Lévelt Cafés op proef. Cafés met een zitgedeelte en cafés om koffie ‘af te halen’.

“De cafés moet zich dit jaar bewijzen. Als dat lukt, willen we daar ook een franchiseformule van maken”, vertelt Mikkel Levelt enthousiast. “Het versterkt de winkelformule en vice versa. Dus het zou een hele mooie aanvulling zijn.”

Biologisch

Hans Levelt, de vader van Mikkel, heeft in zijn jaren als directeur een belangrijke keuze gemaakt. Tijdens zijn bezoek aan plantages schrikt hij van de arbeidsomstandigheden en de hoeveelheid chemicaliën die gebruikt wordt. Hij besluit om niet meer via de tussenhandel in te kopen, maar rechtstreeks koffie en thee bij de producent af te nemen. Zo wil hij de omstandigheden verbeteren van zowel de producent als de productie.

Begin jaren tachtig brengt Simon Lévelt als een van de eerste in Nederland biologische koffie en thee op de markt. Ook neemt het bedrijf mede-initiatief tot de oprichting van Stichting Max Havelaar.

“We nemen nu 60 procent rechtstreeks van de boer af. Het streven is om op lange termijn alles rechtstreeks af te nemen en ook het gehele assortiment biologisch te maken,” zo vertelt Mikkel Levelt. Het assortiment beslaat 20 koffie- en 180 theesoorten.

Koffie

In de branderij laat Levelt zien hoe de koffiebonen gemengd worden alvorens ze twee keer gebrand worden. De knisperende koffiebonen worden afgeblust met water. “Het klinkt net als popcorn.”

“We zijn nichespeler. We hebben wel het breedste en grootste assortiment van Nederland, en waarschijnlijk ook van Europa. Maar als je het volume gaat afzetten, zal Perla met zijn biologische koffie veel groter zijn.”

Reis

Over een week gaat een deel van het bedrijf naar India met belangstellende werknemers. Personeelsleden wilden graag mee op inkoopsreis, maar dat bleek niet praktisch. “We organiseren nu voor de tweede keer een personeelsreis. We gaan naar Darjeeling om de First Flush te plukken, de eerste theeoogst na de winterstop.”

Levelt theeplukken 460

“We maken ook eens in de drie jaar een studiereis met franchisenemers. Je merkt dat het pas echt gaat leven als ze het zelf meemaken. Zelf theeplukken, zelf koffiebonen plukken, zelf het proces zien en meemaken.”

Dit jaar gaat de ondernemersreis naar Oeganda, waar zesduizend boeren zijn geschoold zodat ze biologische koffie kunnen verbouwen. “We hebben een koffieverwerkingsfabriek gebouwd, waar kleine boeren hun koffie kunnen inleveren. De koffiebonen worden in de fabriek van hun schillen ontdaan, gedroogd en gesorteerd in plaats van dat de boeren dat zelf doen. Daardoor krijg je een betere kwaliteit koffie en dus ook een betere prijs, waarmee ze hun marktpositie kunnen verbeteren.”

Familiebedrijf

De directie wilde Mikkel Levelt samen doen met Rob Sikkema, iemand uit het bedrijf maar van buiten de familie. “Mijn insteek was dat ik het met z’n tweeën wilde doen. Het bedrijf is te groot om in mijn eentje te leiden en ik vind het ook minder lollig.” Ze hebben beide dezelfde hoeveelheid aandelen, “zodat ook het risico hetzelfde aanvoelt.”

Met het feit dat ze een familiebedrijf runt, houdt Levelt zich niet zo mee bezig. “Bedrijfsbelang staat boven het familiebelang. We hebben ook wel stappen genomen waar de familie niet blij mee was. We zijn vertrokken uit de historische panden, waar het bedrijf opgestart is en een deel van de familie geboren en getogen is. Dat vond men niet echt leuk, maar die stap moest genomen worden om te blijven groeien.”

Toch speelde de historie wel een rol toen haar vader vroeg of ze het bedrijf wilde overnemen. “Ik zou niet willen dat door mijn acties het bedrijf niet meer bestaat. Straks heb ik het op mijn geweten. Mijn vader zei dat hij daar ook last van heeft gehad. Er kan van alles gebeuren; niks in het leven staat vast.”