DEN HAAG - President Nout Wellink van De Nederlandsche Bank had de overname en opsplitsing van ABN Amro dolgraag tegengehouden, maar daarvoor ontbrak het materiaal.

"Als ik maar zo'n klein gaatje had gezien, had ik nee gezegd. Alles instinctief in mij verzette zich ertegen, maar het gaatje was er niet", zei Wellink donderdag tegen de parlementaire commissie-De Wit.

Wellink zei dat DNB de zwaarst mogelijke eisen stelde aan de overname. Toen daar aan werd voldaan, kon DNB de overname niet blokkeren. "De wetgeving is ja, tenzij." Dat betekent volgens hem dat het in beginsel ja is, tenzij er onoverkomelijke bezwaren zijn.

Groenink

Wellink weersprak kritiek van oud-ABN-topman Rijkman Groenink, die woensdag beweerde dat DNB de overname had kunnen en moeten tegenhouden. Volgens Wellink had Groenink duidelijker zijn afkeur kunnen uitspreken. Maar bestuur en commissarissen van ABN gaven een neutraal advies over zowel de overname door Barclays als door het bankentrio.

"Als de heren bij ABN van oordeel waren dat het niet kon, was dat het moment dat ze hadden moeten optreden", zei Wellink. Hij weersprak ook de kritiek dat DNB onvoldoende van ABN afwist.

Problemen

Dat Fortis later in grote financiële problemen kwam, had DNB op het moment van afgifte van de verklaring van geen bezwaar in september 2007 niet kunnen voorzien, stelde Wellink. '

'Die problemen zijn in hoofdzaak door ons niet later ontdekt, maar ze zijn later opgetreden. We zaten aan het prille begin van de kredietcrisis, niemand realiseerde zich hoe deze steeds groter zou worden.''

Informatie

Wellink vraagt zich af de Belgische en Britse toezichthouders op het moment dat hij goedkeuring gaf voor de overname van ABN Amro door drie buitenlandse banken, wel de juiste informatie aan hem hebben verschaft.

''Ik weet het niet, dat is mijn frustratie. Ik weet niet of wij op het moment dat we de verklaring van geen bezwaar afgaven, de goede informatie hebben gekregen'', zei Wellink tegen de commissie-De Wit, die onderzoek doet naar de oorzaken van de kredietcrisis. Volgens Wellink zaten er ''gaten in het buitenland''.

Zorgen

Wellink van De Nederlandsche Bank zei zijn zorgen over vijandige overnames en opsplitsingen in de financiële sector en de ''potentiële instabiliteit ten zake van twee van onze grote financiële instellingen'' te hebben besproken met minister Wouter Bos van Financiën.

Wellink zei dat hij in gesprekken én in de openbaarheid waarschuwde. ''Ik zei: er is een grens aan het maximeren van aandeelhouderswaarde en realiseer je dat als het misgaat, er dan een overheid is en een belastingbetaler die uiteindelijk moet bloeden.''

Wellink zei ook dat hij stille hoop had dat het besef zou groeien dat er zuinig moest worden omgegaan met instellingen die behoorden tot de ''infrastructuur van Nederland''.

Al het nieuws rondom de het onderzoek naar de kredietcrisis