DETROIT - General Motors ziet af van de verkoop van Opel. Dat heeft het bestuur van het Amerikaanse autoconcern dinsdag bekendgemaakt.

"Gezien de verbeterende omstandigheden voor GM en het belang van Opel voor de internationale strategie van GM heeft het bestuur besloten Opel te houden", aldus het concern in een verklaring. Topman Fritz Henderson beloofde op korte termijn duidelijk te maken welke gevolgen de beslissing heeft voor de Europese fabrieken van Opel en het Britse zustermerk Vauxhall.

Vorige maand sloot het concern na een maandenlange biedingenstrijd nog een akkoord met een consortium van de Canadese fabrikant van auto-onderdelen Magna en de Russische staatsbank Sberbank over de verkoop van 55 procent van de aandelen van Opel. De partijen wisten echter niet tot overeenstemming te komen.

Steun
Magna legt zich neer bij het besluit van GM. "We hebben begrepen dat de Raad van Bestuur tot de conclusie is gekomen dat het in het belang was van GM om Opel te behouden", zei Siegfried Wolf van Magna. "Wij blijven Opel en GM steunen in de uitdagingen die voor hen liggen".

De Duitse regering toonde zich de afgelopen maanden bereid de hervorming van Opel te ondersteunen met 4,5 miljard euro aan noodkredieten. In eerste instantie koppelde het die steun aan een overname door Magna. Onder druk van Europees Commissaris Neelie Kroes (Concurrentie) liet de overheid vorige week echter weten dat de steun niet afhankelijk is van de eigenaar van Opel. Dat opende mede de deur voor GM om te besluiten Opel in eigen hand te houden.

Toekomst
De minister-president van de Duitse deelstaat Hessen, Roland Koch, toonde zich in een reactie zeer teleurgesteld over de beslissing van GM. "Gezien de slechte ervaringen met de politiek van GM van de afgelopen jaren maak ik me grote zorgen om de toekomst van de onderneming en de werkgelegenheid."

In september meldde zakenkrant The Wall Street Journal dat GM bij behoud van Opel drie Europese fabrieken zou sluiten, twee in Duitsland en een in Antwerpen.