AMSTERDAM - De Nederlandse hypotheek- en huizenmarkt is relatief stabiel. Dat concludeert het Internationaal Monetair Fonds (IMF) dinsdag in een voorlopig landenrapport. Bovendien kan voor 2010 op een bescheiden economische groei gerekend worden.

Hoewel het IMF een aantal risicofactoren voor de huizenmarkt signaleert, zoals een gemiddeld hoge hypotheeksom ten opzichte van de waarde van het onderpand, vallen er geen grote moeilijkheden te verwachten. "De huizenprijzen lijken grotendeels in lijn te zijn met onderliggende factoren", meent de organisatie.

Die stabiliteit heeft Nederland onder meer te danken aan de gulle hypotheekrenteaftrek, die ervoor zorgt dat de maandlasten voor huiseigenaren betaalbaar blijven. Daarnaast zorgt het beperkte aanbod van huizen ervoor dat de prijzen niet in elkaar storten.

Groei
Het IMF verwacht dat de economie dit jaar met 4,25 procent krimpt, maar in 2010 met 0,75 procent zal uitdijen. Het Centraal Planbureau (CPB) voorspelde in september voor 2009 nog een teruggang met 4,75 procent en voor volgend jaar een nulgroei.

Nederland is hard geraakt door de crisis, vindt het IMF, vanwege zijn omvangrijke financiële sector en afhankelijkheid van de internationale handel. De vooruitzichten zijn "ongewoon onzeker", maar het harde ingrijpen door de overheid heeft de kans op een ineenstorting van het systeem verkleind. Bovendien is de financiële situatie inmiddels verbeterd.

Steun
Minister Wouter Bos van Financiën verwelkomt het IMF-rapport. Het IMF steunt de aanpak van het kabinet en wijst op de noodzaak de steun aan de financiële sector zo snel als verantwoord mogelijk af te bouwen.

''Het kabinet deelt deze analyse en inmiddels lijkt in Nederland de weg naar normalisering van de verhoudingen tussen financiële sector en overheid reeds ingeslagen door de aangekondigde aflossingen van verleende overheidssteun'', aldus Bos in een reactie.

Het IMF raadt ook aan om het stelsel van de oudedagsvoorziening te hervormen. Het kabinet is hier al aan tegemoetgekomen door de verhoging van de AOW-leeftijd.