AMSTERDAM - Steeds meer medewerkers eisen keuzevrijheid over welke technologie ze voor welke werkzaamheden gebruiken. Dat blijkt uit onderzoek van de Economist Intelligence Unit (EIU).

De onderzoekers spreken van een sterk opkomende ‘technology democracy’ en raden bedrijven zelfs aan zich voor te bereiden op een fluwelen revolutie onder het personeel.

Normaal gesproken schrijft de IT-afdeling voor welke technologie het personeel in de gehele organisatie gebruikt. Bovendien stippelt de IT-afdeling centraal de ICT-regels en het beleid uit.

Sociale netwerken
Uit het onderzoeksrapport blijkt dat steeds meer medewerkers de status quo omtrent technologie in hun organisatie ter discussie stellen. Medewerkers willen volgens de onderzoekers steeds vaker sociale netwerken, messaging- en andere software gebruiken om hun werk te doen.

Nog maar weinig Europese bedrijven zijn klaar voor de zogenaamde ‘technology democracy’. Zo verklaarde 47 procent van de Europese leidinggevenden in het onderzoek dat het hoger management weigert medewerkers meer technologische keuzevrijheid te geven.

Een vergelijkbaar aantal meldt dat het bestuur die vrijheid wel biedt, maar niet de bijbehorende trainingen voor het gebruik van bijvoorbeeld persoonlijke communicatieapparatuur en sociale-netwerkapplicaties. Dit suggereert volgens de deskundigen dat de bereidheid om ’technology democracy’ door te voeren, laag is.

Arbeidsmoraal
Volgens de onderzoekers zijn innovatie en hogere arbeidsmoraal de voornaamste voordelen van technologische keuzevrijheid. Van de Europese leidinggevenden is 42 procent voorbereid op de ‘technology democracy’. Volgens deze groep zijn innovaties op de werkvloer het belangrijkste voordeel.

Werknemers krijgen eveneens meer vrijheid en verantwoordelijkheid om beslissingen op technologisch vlak te nemen. Dit leidt volgens hen tot een hogere arbeidsmoraal.

Maar de ‘technology democracy' kent ook een aantal gevaren. Zo zijn respondenten het erover eens dat openbaarheid van vertrouwelijke informatie door het gebruik van onder mees sociale netwerken en een hogere kwetsbaarheid voor virussen de grootste risico’s zijn van de ‘technology democracy’.