DEN HAAG - De Nederlandse overheid hoeft hoogstwaarschijnlijk geen nieuwe kapitaalinjecties te doen in de financiële sector. Alleen de genationaliseerde banken Fortis en ABN Amro kunnen opnieuw overheidssteun nodig hebben.

Dat heeft minister Wouter Bos van Financiën maandag aan de Tweede Kamer geschreven. Hij baseert zijn conclusies op een stresstest die toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB) deze zomer heeft gedaan om te kijken wat er gebeurt als banken en verzekeraars nieuwe tegenslagen te verwerken krijgen. Uit die test blijkt dat de private bedrijven in de financiële sector ''afgezien van bijzondere omstandigheden'' geen nieuwe steun nodig zullen hebben.

Rampscenario
Banken en verzekeraars hebben in opdracht van DNB de gevolgen van een verzonnen economisch rampscenario berekend. Dat scenario gaat uit van een diepe en langdurige recessie, waarin de Nederlandse economie harder krimpt dan tijdens de crisis begin jaren dertig. De werkloosheid loopt in de rekenexercitie op tot bijna 10 procent, huizen worden 30 procent minder waard en de AEX-index verliest de helft van zijn waarde ten opzichte van eind 2008.

De grootste banken en verzekeraars zouden hierdoor samen ongeveer 47 miljard euro verliezen in twee jaar tijd. Dat is grofweg een verdubbeling van de verliezen die ze tot eind vorig jaar moesten incasseren. ''Alhoewel de verliezen hoog zijn, heeft de sector voldoende buffers om deze op te vangen'', zo blijkt uit de stresstest.

Test
De test is gehouden onder de vijftien grootste banken en verzekeraars in Nederland. Ook kleinere verzekeraars hebben een scenario doorgerekend. De pensioenfondsen zijn niet meegenomen in de test. ''Uit de stresstest blijkt dat de financiële sector na een combinatie van door DNB voorgeschreven zware schokken ruim boven de minimum kapitaalnormen blijft'', zo luidt de conclusie.

Minister Bos kondigde voor de zomervakantie al aan dat ABN Amro en Fortis Bank Nederland opniew overheidsgeld nodig zullen hebben.