Waar is hier de nooduitgang?

Na 15 september 2008, the night Lehman died, hebben centrale banken en overheden alles uit de kast gehaald om een financiële en economische ijstijd te voorkomen. Nu we een jaar verder zijn kunnen we stellen dat er adequaat is gereageerd.

Door Danny Geerken | Het Haags Effektenkantoor

Uiteraard zijn er schoonheidsfoutjes gemaakt maar er was zelfs in het doorgaans wat meer passieve Europa sprake van eensgezindheid en een sense of urgency om snel iets te doen. De rentetarieven werden in fors tempo verlaagd, banken konden vrijwel onbeperkt lenen en tenslotte is de geldkraan verder opengedraaid door quantitative easing toe passen.

Quantitative easing is het opkopen door centrale banken van financiële activa, zoals bedrijfs- en staatsobligaties met gecreëerd geld, met als doel de kredietverlening weer op gang te brengen. Aan dit paardenmiddel kleven een aantal risico’s. Banken kunnen ondanks de verruimde mogelijkheden terughoudend blijven in het verstrekken van kredieten waardoor het beoogde doel niet bereikt wordt. Daarnaast kan het op termijn leiden tot hyperinflatie, de nachtmerrie van iedere centrale bankier.

Vertrouwen
De grootste paniek is duidelijk voorbij is en het vertrouwen keert terug, en risico-indicatoren zoals tarieven voor interbancaire leningen en de renteopslag voor bedrijfsobligaties zijn weer op een pre Lehman niveau. Daarnaast zijn er steeds meer tekenen zijn dat ook aan deze recessie een eind gaat komen en wordt er door centrale bankiers binnenskamers nagedacht over een exit strategie om weer terug te keren naar een normaal monetair beleid.

Voor het nemen van de eerder genoemde maatregelen is moed nodig. Beetje bij beetje heeft als risico dat je te laat bent, de sluizen moeten in één keer open. Daarna kun je alleen maar afwachten en hopen dat je het goed gedaan hebt. Voor het op verschillende manieren dichtdraaien van de geldkraan is wijsheid nodig.

Te vroeg
Er zijn twee eerdere periodes in de geschiedenis geweest waar centrale bankiers voor dezelfde uitdaging stonden. De jaren dertig en Japan in de jaren 90. Beide keren is de men te vroeg geweest wat in de jaren dertig tot een depressie leidde en er in Japan zorgde voor een verloren decennium. Dit risico lopen we nu weer.

Aan de andere kant kan te laat terugdraaien leiden tot toenemende zorgen over oplopende overheidsschulden, waardoor de lange rente gaat stijgen, door het goedkope geld is de kans daarnaast groot dat ook grondstofprijzen een vlucht nemen waardoor de wereldeconomie een periode van stagflatie (lage groei hoge inflatie) terecht zou kunnen komen.

Regio's
Een complicerende factor is dat hoewel we spreken over de wereldeconomie er sprake is van grote regionale verschillen als we kijken naar economische groeipercentages en tekorten of overschotten bij de overheid. Maatregelen in de ene regio hebben echter ook consequenties in andere regio’s.

Het wekte recent verwondering dat de Engelse Centrale bank haar beleid van geldverruiming uitbreidde omdat volgens eigen zeggen de economie er nog steeds zeer slecht voor stond. In de Vs houdt men er na september voorlopig mee op. Bernanke is een groot kenner van de depressie in de jaren dertig en Japan. Laten we hopen dat hij en zijn collega’s the right thing doen.
 

Tip de redactie