WAGENINGEN - Crisis of geen crisis, elke maand openen in Nederland nieuwe ijssalons de deuren, tientallen op jaarbasis. ''Mensen worden blij van ijs en iedereen heeft wel 1 of 2 euro op zak'', zegt Maarten Colijn, voorzitter van het IJscentrum.

Het aantal ijssalons in Nederland lag tien jaar geleden nog op ongeveer tweehonderd. Vorig jaar was dat al ruimschoots verdubbeld naar 550 en dat kan verder groeien tot zeker achthonderd.

Het 'koude kikkerland' Nederland kent inmiddels een IJscentrum, een Vereniging van Ambachtelijke IJsbereiders (VAIJ) en de sector heeft vanaf donderdag een eigen vakblad: IJS. Een volgende logische stap is de opkomst van franchiseketens van ijssalons.

Vraag
Volgens sectormanager horeca Gertine Mensink van de Rabobank, die onderzoek deed naar de branche, biedt Nederland gezien de huidige dekking nog genoeg ruimte voor meer ijssalons. De vraag naar ambachtelijk bereide ijsjes neemt nog steeds toe. ''De vraag blijft stijgen doordat het aanbod groeit'', zegt Mensink.

Bovendien is het volgens haar voor Nederlanders een gewoonte geworden om vaker een ijsje 'te doen' en geven mensen steeds meer uit aan tussendoortjes die buiten de deur genuttigd worden.

Mensink vermoedt dat de crisis zelfs een positief effect heeft op de ijsconsumptie. ''Meer mensen vieren vakantie in eigen land en gunnen zichzelf een goedkoop verwennerijtje.''

Opwarming
Colijn van het IJscentrum, een kennis- en opleidingscentrum voor de branche, bevestigt dat ijssalons de wind mee hebben. Dat de aarde opwarmt en Nederland steeds langere nazomers kent, werkt mee. ''Maar je ziet ook dat mensen steeds vaker als het geen lekker weer is toch een ijsje komen eten. Met mooi weer maken we veel frisse vruchtensmaken en als het minder warm is maken we ijs met roomsmaken zoals vanille en hazelnootijs.''

Colijn runt zelf samen met zijn dochter een ijssalon in Rhenen. ''Het is acht maanden lang, zeven dagen in de week hard werken. Maar als je het goed doet, valt er een goede boterham aan te verdienen. Het is een gezonde bedrijfstak.''

Dat bleek ook uit het onderzoek dat Mensink vorig jaar hield in opdracht van de ijsbranche en Koninklijke Horeca Nederland. De gemiddelde omzet van ijssalons steeg de afgelopen jaren met 10 procent.

Quitte
De gemiddelde jaaromzet bedraagt zo'n 190.000 euro. Van de omzet wordt twee derde in het hoogseizoen (van mei tot en met augustus) gedraaid. De winstmarges zijn ''aanzienlijk'', aldus Mensink. Een op de vijf nieuwe ijssalons draait al na een halfjaar quitte.

Volgens Colijn van het IJscentrum is wel essentieel dat mensen goed opgeleid worden om de branche geen slecht imago te bezorgen. ''Daarom is tien jaar geleden het IJscentrum opgericht.'' Veel jonge mensen gaan het avontuur aan, weet Colijn. ''En dat zijn lang niet altijd mensen met een horecaopleiding.''

Nu de branche steeds verder professionaliseert, is het volgens Mensink logisch dat de volgende stap formulevorming is. Franchiseketens met eenzelfde naam, uitstraling en kwaliteit. ''Je ziet dat in de hele foodsector en het is een manier om goed te verdienen. Van één ijssalon word je niet rijk.''