AMSTERDAM - Uitstootrechten van landen moeten bepaald worden op basis van de inkomensverdeling in het land. Daarvoor pleit een groep wetenschappers in PNAS, een tijdschrift van de National Academy of Sciences in de Verenigde Staten.

Ongeveer de helft van de uitstoot wordt veroorzaakt door nog geen miljard van de burgers. Het is volgens de onderzoekers dus logisch om het aantal rijken in een land maatgevend te laten zijn voor de uitstootrechten en niet de rijkdom van een land zelf.

Nu leggen de rijke landen zichzelf emissiebeperkingen op, doordat zij het Kyotoprotocol ondertekenden. Daarin beloofden landen de uitstoot tussen 2008 en 2012 met ruim 5 procent te verminderen ten opzichte van het niveau van 1990.

Eerlijkheid
Ontwikkelingslanden, waaronder ook China en India, ondertekenden het verdrag niet, maar ook daar wonen veel rijken en wordt dus broeikasgas uitgestoten.

"In onze definitie van eerlijkheid, moeten individuen die dezelfde hoeveelheid CO2-uitstoten evenveel bijdragen aan de beperking van uitstoot, onafhankelijk van waar het individu woont", schrijven ze in hun conclusie.

Zij pleiten ervoor om na 2012, wanneer het Kyoto-protocal afloopt, na te denken over een nieuwe verdeling van de uitstootrechten.