AMSTERDAM - Voor helden zijn er talloze Halls of Fame en voor oplichters zoals Bernard Madoff is er vanaf donderdag the Con Artist Hall of Infamy, een 'hal van schandelijkheid voor oplichters'. Op de website www.hallofinfamy.org staan de 35 grootste witteboordencriminelen - allen man - uit de geschiedenis.

Dat aantal zal groeien, zo melden initiatiefnemers Warren Hellman en Arthur Rock. Beiden zijn werkzaam in de financiële wereld en willen met de site laten zien wie de oplichters zijn en hoe ze met hun misdaden weg konden komen.
 
Kleurrijk
Voor een plaatsje op de site hanteren ze een aantal criteria. De daad van de oplichter moet gaan om een opzienbarend bedrag. De oplichter moet een kleurrijk karakter hebben en zijn daad moet impact gehad hebben op meer dan alleen zijn slachtoffers, er moet bijvoorbeeld regelgeving zijn veranderd. Ook moet de zwendelaar in de rechtbank schuldig bevonden zijn.

De 71-jarige Bernard Madoff die veel investeerders aan zich bond vanwege zijn betrouwbare uitstraling en deze week tot 150 jaar cel werd veroordeeld ontbreekt uiteraard niet. En ook de naamgever van de Ponzi-zwendel heeft de dubieuze eer een plaatsje in 'the Hall' te hebben verworven.

Hardleers
Charles Ponzi werkte in 1919 volgens hetzelfde principe als Madoff. De Amerikaanse Italiaan had daarvoor al verscheidene malen in de gevangenis gezeten voor relatief kleine vergrijpen als het vervalsen van cheques, maar bleef hopen op het grote geld.

Via de legale weg lukte hem dat niet en toen bedacht hij zijn inmiddels wereldberoemde zwendel. Met geld van oude investeerders betaalde hij nieuwe investeerders en kon hij dus enorme rendementen garanderen.

Omgerekend naar de huidige waarde van geld gingen aandeelhouders voor 100 miljoen dollar het schip in. Na zijn gevangenisstraf van 7 jaar vertrok hij naar Rio de Janeiro en gaf daar tot zijn dood in 1949 Engelse les.

Hebzucht
Ponzi en Madoff staan niet alleen in hun hebzucht, zo blijkt uit de verhalen van de andere 33 oplichters op de website. De initiatiefnemers hebben overigens een weinig hoopgevende conclusie: "De meest briljante oplichters worden uiteraard niet gepakt."