Weinig richting op Wall Street

NEW YORK - Beleggers op Wall Street hadden vrijdag moeite om richting te kiezen. De technologiesector lag de hele dag onder druk na tegenvallende resultaten van het bedrijf National Semiconductor op donderdag. Ook oliefondsen waren wat minder in trek. Zogenoemde defensieve aandelen werden wel ingekocht.

De Dow-Jonesindex sloot 0,3 procent hoger op 8799,26 punten. De breder samengestelde S&P 500-index ging 0,1 procent omhoog tot 946,21 punten. De technologiebeurs Nasdaq noteerde 0,2 procent lager op 1858,80 punten. De techaandelen herstelden zich wel wat in de slothandel. Eerder op de dag stond de Nasdaq meer dan een procent in de min.

IT-sector
National Semiconductor, producent van chips voor elektronica, liet weten een kwartaalverlies te hebben geleden van 64 miljoen dollar. De omzet viel 4 procent lager uit dan in het voorgaande kwartaal en bedroeg 281 miljoen euro. Het aandeel verloor 6,1 procent. Andere grotere verliezers in de sector waren Apple (min 2,1 procent) en Research in Motion (min 2,8 procent), de producent van de 'slimme telefoon' Blackberry.

"Technologieaandelen gaan van de hand. Ze zijn tot nu toe dan ook de drijvende kracht geweest op de beurs", stelde een handelaar. Daarmee doelde hij op het feit dat veel beleggers op een bepaald moment hun winst nemen op aandelen die flink zijn gestegen.

Oliefondsen
Dat gebeurde ook bij oliefondsen. ConocoPhilips daalde 2,6 procent, terwijl ExxonMobil 0,4 procent terug moest. De olieprijs daalde met 0,7 procent tot ruim 72 dollar per vat (van 159 liter). De laatste tijd is de olieprijs flink opgelopen.

Maar de Dow wist verlies af te wenden. Dat kwam met name doordat beleggers hun geld wel wilden steken in zogenoemde defensieve fondsen. Zulke aandelen hebben de reputatie relatief goed te renderen in economisch moeilijke tijden. Zo won farmaceut Pfizer 0,9 procent, terwijl producent van levensmiddelen Procter & Gamble er 1 procent bijkreeg. Binnen de Dow was Bank of America (plus 5,8 procent) een opvallende stijger.

Macrocijfers
Enkele macrocijfers hadden schijnbaar weinig invloed op de markt. Uit een onderzoek van de universiteit van Michigan bleek dat het consumentenvertrouwen in de Verenigde Staten in juni is gestegen naar het hoogste niveau in negen maanden. Maar de uitslag was wel iets lager dan waar analisten op hadden gerekend. "De economische activiteit trekt de laatste tijd een beetje aan, maar we zijn nog niet uit de problemen. Als dat al gebeurt, zal het een tijd duren", stelde de handelaar.

Op de valutamarkt werd voor de euro 1,3990 dollar betaald. Bij het slot van de beurzen in Europa eerder op de dag kostte een euro 1,4025 dollar.

Tip de redactie