AMSTERDAM - Bedrijven in Nederland worden door het stelsel van gegarandeerde pensioenregelingen het hardst geraakt door de crisis ten opzichte van andere Europese landen. Het model brengt de concurrentiepositie van Nederlandse bedrijven in gevaar, zo blijkt uit onderzoek van Aon Consulting.

Het Nederlandse stelsel is gebaseerd op gegarandeerde pensioenregelingen, die voor het grootste deel voor rekening komen van de werkgever. "Als gevolg van de ontwikkelingen op de beurzen en de scherp gedaalde rente moeten werkgevers soms vele miljoenen euro's bijstorten om tekorten aan te vullen," stelt Wim Hoek, Managing Director van Aon Consulting in Nederland. "Bedrijven in landen met andere pensioenstelsels hebben nu een concurrentievoordeel."

Landen met een ander pensioenstelsel doorstaan de crisis op dit gebied beter. Bedrijven in Frankrijk, Oostenrijk en Spanje hebben, vanwege genereuze overheidspensioenen, de minste problemen. Ook in Scandinavië staan bedrijven er rooskleuriger voor, vanwege een stelsel dat gebaseerd is op een vaste bijdrage van de werkgever.

Op zijn kop
In een 'normale' economische situatie geldt juist dat beperkte overheidsbemoeienis de concurrentiepositie versterkt. "De verstoring van de financiële markten zet deze vergelijking echter op zijn kop, in ieder geval voor dit moment", aldus Hoek.

Nederland is niet het enige land waar bedrijven relatief zwaar te lijden hebben onder het pensioenstelsel. Ook in Ierland en het Verenigd Koninkrijk gaan ondernemingen gebukt onder de gevolgen van hun stelsel.

Volgens gegevens van De Nederlandsche Bank zijn de bezittingen van Nederlandse pensioenfondsen in 2008 met 17 procent gedaald, onder meer als gevolg van de blootstelling aan financiële markten.