Wouter Bos is van plan om bankiers een examen af te laten leggen om zo te controleren of zij deskundig genoeg zijn om hun beroep uit te oefenen. Hoe zinvol is dit eigenlijk?

Door F.E. Huibers | Het Haags Effektenkantoor

Bestaand examen
Voordat iemand een beroep kan uitoefenen, wordt doorgaans getoetst of de persoon in kwestie in staat is om op een deskundige wijze het beroep uit te oefenen. Alle mensen die in loondienst treden, worden door hun baas tijdens sollicitatiegesprekken vergeleken met mede-sollicitanten.

Ook bij vrije beroepen, zoals bijvoorbeeld artsen, apothekers, notarissen en advocaten dienen de personen een opleiding af te ronden alvorens zij hun beroep kunnen uitoefenen. Zo ook bankiers.

De meeste bankiers zijn in loondienst. Hun werkgever staat onder toezicht en voordat een persoon benoemd kan worden op een belangrijke positie, wordt de voorgenomen benoeming voorgelegd aan de toezichthouder. Verder heeft de werkgever de plicht om de deskundigheid van haar personeel periodiek te toetsen en waar nodig, middels permanente educatie, aan te vullen.

Zelfstandigen
Ook zelfstandigen, bijvoorbeeld vermogensbeheerders, staan onder toezicht en moeten aan de eisen van permanente educatie voldoen. Kortom, er bestaat een raamwerk die de deskundigheid van bijvoorbeeld bankiers permanent toetst.

Het heeft dan ook weinig zin om daar een examen bij te doen, zoals nu voorgesteld wordt. Wat zou de inhoud van het examen moeten zijn, wie stelt het op en wie beoordeelt de resultaten eigenlijk?

Wat zou dit examen toetsen waar niet reeds in voorzien is door de toezichthouders van de bankiers?

Examen voor de toezichthouder
Wellicht wordt er getoetst, gezien de kredietcrisis die zich heeft voorgedaan, om de kennis van de toezichthouder te onderzoeken. Het is sterk mogelijk dat de kennis van de toezichthouder ontoereikend is om de innovaties binnen de bankensector bij te benen.

Per slot van rekening hebben de toezichthouders helaas niet op tijd de maatregelen kunnen nemen om de bankencrisis het hoofd te bieden of in ieder geval de omvang van de crisis aanzienlijk te beperken.

Het is goed dat Wouter Bos de deskundigheid van bankiers aan het hart gaat. Het zou de effectiviteit van de voorgenomen maatregelen op dit gebied ten goede komen als hij begint bij het toetsen van het kennisniveau van de meester, voordat hij de leerlingen een additioneel examen voorlegt.