Als ondernemer heb je natuurlijk te maken met je concurrenten. In principe geen probleem, concurrentie kan verfrissend zijn en het dwingt je om scherp te blijven.

Soms zijn de reacties uit de markt echter minder sportief. Onze concurrent spande bijvoorbeeld een kort geding aan, en legde beslag op onze database. Kan dat dan zomaar? Nee, vond ook de rechtbank...

Het is de dag na een belangrijke vakbeurs als onze kersverse uitgeverij bezoek krijgt. Onverwacht bezoek wel te verstaan en een hele delegatie: een deurwaarder, politieagent, hulpofficier van justitie, iemand van een bedrijfsrecherchebureau en een slotenmaker. Onze concurrent (tevens oud-werkgever van mij en mijn partner) beschuldigt ons van diefstal van het abonnementenbestand van hun vakblad.

Ze hebben via de rechtbank een verzoek ingediend tot een conservatoir bewijsbeslag zoals dat officieel heet. Ze willen beslag leggen op al onze gegevensdragers, bestanden, e-mail, software, facturen en correspondentie voor de duur van een week om daar kopieën van te laten maken als bewijs in een bodemprocedure. In feite leggen ze ons bedrijf daarmee een week plat. Kan dat dan zomaar?

Nee, dat vond ook de rechter wat gortig en overdreven. Dus heeft de rechter alleen toestemming gegeven voor het maken van een kopie van het digitale abonnementenbestand van ons vakblad. En dus stond die hele delegatie die dag onaangekondigd op de stoep. We hebben geen andere keuze dan mee te werken, maar zijn natuurlijk volkomen verbijsterd. De bedrijfsrechercheur maakt braaf een kopie, en die harde schijf verdwijnt verzegeld en wel in de kluis van de deurwaarder in afwachting van verdere juridisch wapengekletter. We schakelen dan ook zelf een advocaat in, en schrijven een uitgebreid betoog voorzien van de nodige bewijsstukken om alles van tafel te vegen.

Maar daar blijft het niet bij. We zijn nog meer verbijsterd als er een paar weken later nogmaals een deurwaarder op de stoep staat. Dit keer met een dagvaarding voor een kort geding door dezelfde concurrent, met als eis het verbod op het gebruik van hun bestanden. Het tweede nummer van ons vakblad verschijnt namelijk begin mei, dus ze hebben haast en willen de (langdurige) bodemprocedure niet afwachten. Dat kort geding is wat ons betreft appeltje eitje, want die bestanden hebben we niet. Maar toch, ook dat vergt een hoop tijd en energie, en vooral geld.

Op een zonnige donderdag moeten we voor de rechtbank verschijnen voor het kort geding. We hebben het gevoel alsof we in een of andere soap zijn beland. Het is zo bizar om daar te zitten omgeven door advocaten, de rechter en griffier in zwarte toga's. De rechter hoort beide partijen aan, en neemt met ons de bewijsstukken door. Een paar spannende dagen later volgt de uitspraak. Zoals verwacht is de tegenpartij in het ongelijk gesteld, en wordt veroordeeld tot de griffiekosten en de kosten van onze advocaat. Natuurlijk zijn we blij en opgelucht.

Maar we hadden liever onze energie en tijd in ons eigen bedrijf gestoken. Want de bodemprocedure gaat vooralsnog gewoon door, en dat kan jaren doorslepen. Een vriend van me verwoordde het als volgt: "Zie het maar als een compliment voor je blad dat je concurrent zo reageert." Maar wat mij betreft was een bos bloemen ook prima geweest...

Ilse de Boer is eigenaar van IDB Communicatie, directeur van de Beauty Media Group en uitgever/hoofdredacteur van Nail Design Magazine. Voor meer informatie: www.idb-communicatie.nl.