Amerikaanse beurzen hebben wind in de zeilen

NEW YORK - De Amerikaanse beurzen hadden woensdag de wind in de zeilen. De Federal Reserve maakte bekend de historisch lage rentetarieven onveranderd te houden en het stelsel van Amerikaanse centrale banken gaf aan dat het erop lijkt dat het tempo van de krimp van de economie afneemt.

Na een tweedaagse bijeenkomst zei de Fed het rentetarief van 0 procent tot 0,25 procent dat in december werd bepaald ongewijzigd te laten. "De gedachte was dat wat de Fed ook zou zeggen, het positief opgepakt zou worden", schetste een handelaar. "We hadden verwacht te horen dat de bodem is bereikt."

Slotstanden
De toonaangevende Dow-Jonesindex sloot op een stand van 8185,73 punten, dat is een stijging van 2,1 procent of 168,78 punten. De breder samengestelde S&P 500-index noteerde 18,48 punten of 2,2 procent hoger op 873,64 punten. Schermenbeurs Nasdaq ging 2,3 procent of 38,13 punten omhoog tot 1711,94 punten.

Aan het begin van de handelsdag werd bekend dat de Amerikaanse economie in het eerste kwartaal met 6,1 procent op jaarbasis was gedaald. Dat was meer dan verwacht was. In de laatste drie maanden van vorig jaar nam het bruto binnenlands product (bbp) van de Verenigde Staten met 6,3 procent af. Een kwartaal daarvoor bedroeg de krimp 0,5 procent. Hiermee is de Amerikaanse economie nu voor het eerst sinds 1975 drie kwartalen op rij gekrompen.

Consumenten
Uit andere rapporten kwam opbeurender nieuws. Zo bleek dat consumenten meer geld uitgaven, zij spendeerden in het eerste kwartaal 2,2 procent meer dan een jaar geleden. De uitgaven van consumenten zijn goed voor 70 procent van de economie.

Ook zijn de voorraden flink afgenomen. Dat werd algemeen gezien als een teken dat fabrikanten en winkeliers weer voorraden willen gaan opbouwen. "De voorraden zijn nu zo laag dat ze wel weer opgebouwd moeten worden wat betekent dat we weer gaan produceren", zei een handelaar.

Banken
De banken Citigroup en Bank of America wisten weer wat terrein terug te winnen nadat zij dinsdag waren afgestraft omdat ze niet zouden voldoen aan de eisen van de zogenoemde 'stresstest'. Ze wonnen respectievelijk 8 procent en 6,5 procent. Beide banken kregen voor het eerst in jaren een hogere rating. Ook luchtvaartmaatschappijen wisten weer wat procenten terug te pakken toen de zorgen over de uitbraak van de varkensgriepvirus wat waren afgenomen.

In de New Yorkse valutahandel noteerde de euro 1,3259 dollar tegen 1,3315 dollar aan het eind van de handel op de Europese beurzen.

NUwerk

Tip de redactie