'Nederlandse garanties banken relatief groot'

WASHINGTON - Nederland garandeert ten opzicht van de omvang van zijn economie relatief veel verplichtingen van de financiële sector. Dit stelt het Internationaal Monetair Fonds (IMF) in een recent uitgebracht rapport over de ingrepen die verschillende overheden hebben gedaan om de financiële crisis te bedwingen.

De Nederlandse garanties voor banktegoeden en leningen hebben een omvang van ongeveer een derde van het nationaal inkomen. Van de ontwikkelde economieën garanderen alleen Zweden en Ierland meer.

De Zweedse verplichtingen zijn bijna de helft van het nationaal inkomen, de Ierse overheid staat voor 2,5 keer de omvang van de economie garant.

Garantie
Vorig jaar verhoogde de Nederlandse overheid het bedrag dat spaarders en rekeninghouders vergoed krijgen onder het depositogarantiestelsel. Deze garantie bedraagt nu 100.000 euro per rekeninghouder per bank.

Deze verhoging leidde toen tot onrust. Volgens sommige economen loopt de staat nu een te groot risico doordat Nederlandse banken voor miljarden aan tegoeden in het buitenland hebben aangetrokken. Als een grote Nederlandse bank zou omvallen moet de staat ook deze rekeninghouders compenseren.

Kosten
De uiteindelijke kosten van de garanties voor de belastingbetaler zijn volgens het IMF moeilijk in te schatten. Zolang de banken waarvoor de garanties zijn gesteld niet failliet gaan, hoeft de staat niet over de brug te komen.

Het IMF geeft in het rapport desondanks een grove schatting van de totale kosten voor alle ontwikkelde economiëen. Deze zouden in de periode tot 2013 kunnen oplopen tot een bedrag tussen de 2 en 6 procent van het gezamenlijke inkomen. Daarbij tekent het fonds wel aan dat sommige landen, in het bijzonder Ierland, te maken kunnen krijgen met hogere kosten.

Tip de redactie