AMSTERDAM - Michiel Leenaars, directeur strategie bij NLnet, wil er niet aan denken: je hebt een prima internetverbinding, maar dan gaat je belprogramma Skype 'down'. De stichting wil met investeringen in open source-programma's te voorkomen dat mensen 'kunstmatig afhankelijk' zijn software.

NLnet investeert jaarlijks enkele miljoenen euro's in projecten die online informatie-uitwisseling bevorderen. Uitgangspunt is dat ze gebaseerd zijn op het open source-principe: iedereen mag de broncode van software inzien en aanpassen. "Wij richten ons op een open informatiesamenleving", zegt Leenaars.

"Het internet is zo open dankzij internetstandaarden waar iedereen tegenaan programmeert. Dat willen we graag zo houden door goede open source-software te laten ontwikkelen voor die standaarden, bijvoorbeeld voor bellen over internet en chatten."

Top
Momenteel investeert NLnet wereldwijd in zo'n 35 projecten op wijd uiteenlopende toepassingsgebieden, van telecommunicatiediensten en beveiliging van netwerkprotocollen tot een project dat zich richt op een nieuwe versie van de OV-chipkaart. "We gaan voor de absolute top, waarbij open source een belangrijk instrument is".

Gesloten oplossingen als Skype of MSM zijn eigenlijk niet meer van deze tijd, stelt de strateeg en daarnaast directeur van Internet Society Nederland. "En al helemaal niet voor grote bedrijven, want met name de identificatie schaalt niet veel verder dan het individu. Je kan je kritische infrastructuur er dan ook maar beter niet aan ophangen."

Alternatief
Het alternatief? "Internetstandaarden zoals SIP en Jabber. Daar kan iedereen diensten op baseren onder de voorwaarden die hij of zij wil - net als voor andere standaarden zoals HTTP, FTP en SSH. Dat resulteert uiteindelijk in een sterke open markt waarin hoogwaardige oplossingen met elkaar concurreren. De stichting ziet voor zichzelf open source als een bijzonder effectief middel om te laten ontwikkelen maar ook om vertrouwen te verdienen. "Je gebruikt toch het liefste software die publiekelijk kan worden geïnspecteerd," stelt hij.

Er zijn nog meer voordelen. "Waarom is bijvoorbeeld een besturingssysteem als Linux zo robuust? Omdat het overal is getest, van maanlanders tot gevechtsvliegtuigen. Iedereen die er wat mee wil, kan de boel op zijn kop zetten en dat zonder het te hoeven vragen. Dat is innovatie in optima forma." Linux is naar zijn mening dan ook de beste open source-investering die ooit gedaan is, als je tenminste van een enkele investering kunt spreken - er zijn immers miljoenen kleine bijdragen geleverd, die bij elkaar opgeteld leiden tot iets bijzonders.

"Het bewijst ook dat open source er allang is en zich technisch en zakelijk op ieder vlak dat je maar kunt verzinnen bewezen heeft - van hightech smartphones tot en met de duurste en meest spectaculaire supercomputers."

Tekstverwerkers
Toch is open source, ondanks de veronderstelde flexibele programma's en de kostenvoordelen nog lang niet overal 'geland', bij bedrijven noch de overheid. "De Nederlandse overheid spendeert jaarlijks miljoenen euro's aan tekstverwerkers. Als de overheid echter zijn behoeftes in kaart zou brengen en de gewenste software op basis van open source zou uitbesteden, dan praat je over een fractie van de kosten. En je krijgt ook nog eens precies wat je wilt, terwijl je de lokale economie en kennisontwikkeling stimuleert..

Binnen specifieke branches slaat de open source-gedachte wel aan, vertelt Leenaars. Bijvoorbeeld de branche van Nederlandse opticienbedrijven "Hun standaard software is open source, omdat na een succesvol voorbeeld iedereen de software gratis en met minimale aanpassingen kon overnemen."

Levensduur
Een andere pleidooi voor open source is volgens hem de levensduur van programma's. Niet alles waarop een besturingssysteem draait wordt even snel afgeschreven als een PC.

Leenaars stelt dat open source-producten eigenlijk onsterfelijk zijn, de software kan in theorie oneindig lang ondersteund worden omdat de ontwikkeling door iedereen kan worden overgenomen. "Dat is geen academisch voordeel", stelt hij, "Microsoft heeft onlangs zijn oude besturingssysteem Windows 3.11 'overleden' verklaard, oftewel, ze ondersteunen het niet meer. Dat is best lastig voor bijvoorbeeld pinautomaten die nog op die software draaien."

Economie
De ontwikkeling en ondersteuning van open source-programma's kost natuurlijk wel geld. Alleen al de besturingssystemen op basis van linux vertegenwoordigen volgens hem een miljardeneconomie. "Daarnaast draait zestig procent op het open source serverprogramma Apache, maar de economische waarde hiervan is lastig te bepalen." Maar het gaat er volgens hem niet om voor een dubbeltje op de eerste rang te zitten, het mag zelfs meer kosten. "Het belangrijkste is dat je kunt krijgen wat je nodig hebt, betaalt voor wat je krijgt, en dat je daarvoor overal terecht kunt - en ook weer weg kan."

De handel in software voor bedrijven en overheid zit volgens de investeerder op slot. "Als jij hebt betaald voor software van Microsoft of Centric, om maar twee voorbeelden te noemen, dan mag je het product niet houden, want je gebruikerslicentie loopt op een gegeven moment af. Wij willen voorkomen dat bedrijven geld uitgeven aan het uitbesteden van software, waarbij de ontwerper het product in bezit houdt."

Zakelijk
Zakelijk is het volgens hem niet te verantwoorden dat een bedrijf Microsoft ieder jaar betaalt voor het gebruik van software. Waarom het licentiemodel dan nog steeds de overhand heeft, is te verklaren uit "de natuurlijke afweer bij it-managers om te veranderen", aldus Leenaars. "Voor een it-afdeling is het ook geen aanlokkelijk perspectief dat je budget omlaag gaat van 20 naar 2 miljoen euro." Tenslotte is er ook sprake van een kennisgebrek in it-land, vermoed de softwarestrateeg.

De komende tijd hopen Leenaars en NLnet de Europese telecomindustrie aan het wankelen te brengen "met zeer krachtige open source VoIP-software" (op basis van internetstandaarden als SIP, ENUM, en Jabber). Alle communicatie gaat straks via glasvezel, en je domeinnaam wordt je persoonlijke identificatie op het net, voorspelt hij.

Loskoppelen
"De diensten waarmee je communiceert gaan we technisch loskoppelen van individuele operators en in het geval van telefonie van het netwerk." 'Communicatie-eilanden' als Skype en MSN zouden dan opgaan in een naadloze vorm van internetcommunicatie, waarbij je genoeg hebt aan een telefoonnummer om iemand per mail of sms te bereiken, via internet te bellen of zijn website te bekijken.

"Dan hoef je als bedrijf of consument alleen nog te betalen voor de internetverbinding, profeteert Leenaars. "En daarmee gaat de telecomsector met alleen in Europa als zo'n achthonderd miljard euro per jaar aan omzet op drift"."