DEN HAAG - Het kabinet verscherpt de controle op eigenaren van gokhallen en headshops en op vastgoedtransacties waarbij de overheid als private partij een pand koopt of verkoopt. Ook wordt onderzocht hoe belwinkels en avondkappers onder een soortgelijk controlesysteem kunnen vallen.

De ministers Guusje ter Horst van Binnenlandse Zaken en Ernst Hirsch Ballin van Justitie hebben dat dinsdag aangekondigd in een brief aan de Tweede Kamer. Headshops verkopen cannabiszaden en (water)pijpen om hasj of marihuana te roken. De bewindslieden willen de zogeheten wet-Bibob uitbreiden, zodat die ook gaat gelden voor deze winkels, de speelautomatensector en vastgoedtransacties met een overheid.

De wet moet de verwevenheid van boven- en onderwereld tegengaan en daarmee voorkomen dat de overheid onbedoeld criminele activiteiten, zoals het witwassen van crimineel geld, ondersteunt door het verlenen van vergunningen en subsidies. Vanuit de grote steden en de Tweede Kamer klonk vorig jaar al de roep om de wet uit te breiden naar andere sectoren.

Antecedenten
Bestuursorganen, zoals gemeenten en provincies, kunnen nu al vooraf de integriteit van ondernemers in bijvoorbeeld de horeca- en prostitutiebranche toetsen. Als daaruit blijkt dat er criminele antecedenten of onduidelijke financiële constructies zijn, kan de vergunning, subsidie of een opdracht worden geweigerd.

Voor belwinkels en avondkappers is geen vergunning nodig, waardoor ze lastig onder de wet-Bibob zijn te brengen. Diverse gemeenten hebben volgens de ministers echter het vermoeden dat dit soort winkels "zeer vatbaar" is voor de invloed van criminelen. Het kabinet bekijkt daarom hoe deze branches toch kunnen worden aangepakt, bijvoorbeeld via een bevoegdheid voor gemeenten om panden te sluiten.

De ministers willen verder een landelijk register in het leven roepen met alle Bibob-onderzoeken die de afgelopen twee jaar zijn uitgevoerd. Daardoor hoeven overheden niet steeds weer een nieuw onderzoek te doen naar hetzelfde bedrijf of dezelfde ondernemer.