TOKIO - De beurzen in het Verre Oosten zijn maandag overwegend lager geëindigd. De handel stond onder meer onder druk van de olie- en mijnbouwfondsen door een daling van de grondstoffenprijzen. Ook was sprake van winstnemingen na de koersstijgingen van vorige week.

In Tokio sloot de Nikkei-index van 225 hoofdfondsen met een verlies van 115,05 punten ofwel 1,4 procent op 8397,22 punten. De Kospi in Seoul verloor 1,6 procent en de beurs in Australië daalde 1,5 procent. De Hang Seng in Hongkong deed het beter en noteerde een plus van 1,6 procent.

Beleggers in Azië verzilverden een deel van hun winsten, na de koersstijgingen van de afgelopen zes handelsdagen. Oliefondsen hadden last van een lagere olieprijs. Die daalde tot iets boven de 53 dollar. Het Japanse olieconcern Inpex Holdings verloor 4,4 procent en Nippon Oil zakte 1,4 procent.

BHP Billiton
De mijnbouwers in Australië gingen omlaag door de gedaalde grondstoffenprijzen. In Sydney verloor BHP Billiton 3,6 procent en Rio Tinto daalde 3,9 procent.

De handelsvolumes waren vrij laag. De beleggers in het Verre Oosten waren in afwachting van een reeks belangrijke macrocijfers vanuit de Verenigde Staten later deze week. Ook zijn ze benieuwd naar de plannen van de Amerikaanse overheid voor de drie grote autobouwers in de VS.