Er zijn kringen in Nederland waar je niet zonder Mini cabrio kunt worden gezien. Maar een knappe verschijning was het niet echt. De nieuwe generatie van de dakloze Mini ziet er een stuk fraaier uit.

De Mini-familie nadert zijn completering. Na de hatchback en de Clubman en zelfs een elektrische versie, is er nu ook de cabriolet van de nieuwe generatie. Als in 2010 de crossover zijn opwachting maakt, is het nestje Mini's compleet. Op 28 maart 2009 verschijnt de nieuwe Mini cabrio in de Nederlandse showrooms.

De oude Mini kreeg vaak kritiek op zijn uiterlijk door de opvallende rolbeugels achter de achterbank en het dak dat wanneer er open werd gereden flink aanwezig was op de achterplecht. In het nieuwe model zijn de rolbeugels verdwenen en is het dak in opengeklapte toestand wat beter in proportie.

Dak
Het dak van de Mini kan tot een snelheid van 30 km/u worden opgeklapt. In vijftien seconden gaat het dak open of dicht. Bijzonder aan deze cabrio is de Always-Open Timer die aangeeft hoeveel tijd er wordt gereden met de kap open. De aanduiding daarvoor zit naast de toerenteller. Zo'n gadget zijn we nog niet eerder tegengekomen. Verder is er bij de Mini een enorme keus aan carrosserie- en dakkleuren, bekledingsstoffen en wielen.

Een nieuw laadsysteem zorgt er voor dat er een grotere opening is om bagage in te laden. De achterbank kan in delen worden neergeklapt. De bagageruimte is 125 liter met het dak open. Met het dak gesloten is het 170 liter; beide vijf liter meer dan voorheen, Met de stoelen neergeklapt is het 660 liter en dat is 55 liter meer dan in het oude model. 

De Mini Cabrio is er als Cooper en Cooper S. In die eerste uitvoering is hij voorzien van de 120 pk sterke 1,6-liter; haalt hij 198 km/u en is de acceleratie van 0 naar 100 km/u 9,8 seconden. Hij scoort een CO2-uitstoot van 137 gram per kilometer. De S-versie heeft de turbomotor met 175 pk aan boord. Hij sprint in 7,4 seconden van 0 naar 100 km/u en de topnsnelheid ligt op 222 km/u. Per kilometer hoest die 153 gram CO2 naar buiten.