Verliezen op Wall Street

NEW YORK - Zorgen over de economie drukten woensdag op Wall Street de verkiezing van Barack Obama tot president van de Verenigde Staten naar de achtergrond.

Tegenvallende rapporten over de werkgelegenheid en de ontwikkeling van de dienstensector deden de Amerikaanse beurzen geen goed. Op het eind van de handelsdag zakten de beurzen nog dieper in het rood door aanhoudende zorgen.

Obama wacht een zware taak. Hij moet de Amerikaanse economie, de grootste ter wereld, uit de zwaarste crisis sinds de jaren dertig zien te loodsen. Zijn verkiezingszege kan volgens analisten leiden tot optimisme op de aandelenmarkten, maar voorlopig overheerst somberheid.

Dow Jones
De toonaangevende Dow-Jonesindex sloot 486,01 punten (5 procent) lager op 9139,27 punten. De S&P-500 index verloor 52,98 punten tot 952,77 punten. Dat komt neer op een verlies van 5,3 procent. Technologiebeurs Nasdaq ging 98,48 punten (5,5 procent) achteruit tot 1681,64 punten.

De in oktober onverwacht sterk afgenomen activiteit in de dienstensector in de Verenigde Staten drukte woensdag de stemming op Wall Street. De ISM-inkoopmanagersindex voor de dienstensector kwam uit op een stand van 44,4, tegenover 50,2 in september. Analisten gingen uit van een daling van de index tot 47,5. De dienstensector is goed voor 80 procent van de Amerikaanse economische activiteit.

Cijfers over de werkgelegenheid in de Verenigde Staten maakten de stemming er niet beter op. Salarisstrookverwerker ADP meldde dat er vorige maand 157.000 banen verloren zijn gegaan in de private sector van de Verenigde Staten. Het banenverlies in oktober is de sterkste achteruitgang in de private sector sinds november 2002.

Dalers
De banken Citigroup en Bank of America behoorden tot de sterkste dalers in de Dow met koersverliezen van 14 en 11,9 procent. Vliegtuigbouwer Boeing leed eveneens onder de hernieuwde kopzorgen bij beleggers over de economie en verloor 6,9 procent.

Oliemaatschappij Exxon Mobil daalde met bijna 5 procent door de lagere olieprijs. De prijs van een vat olie daalde met 7,5 procent tot 65,25 euro.

Ook de Amerikaanse staalsector presteerde slecht. ArcelorMittal, 's werelds grootste staalconcern, maakte woensdagochtend bekend zijn productie wereldwijd met gemiddeld 35 procent te verlagen. Het aandeel maakte daarop een koersval van 16 procent. Staalbedrijven Steel Corp en Nucor Corp werden meegenomen in die val een daalden met respectievelijk 8,1 en 10,5 procent.

Op de valutamarkt noteerde de euro een stand van 1,2916 dollar vergeleken met 1,3037 dollar bij het slot van de Europese beurzen.
 

Tip de redactie