AMSTERDAM - De cao-lonen zijn in het tweede kwartaal van dit jaar 3,4 procent gestegen ten opzichte van een jaar eerder.

De toename is hoger dan de stijging van 2,8 procent in het eerste kwartaal, blijkt maandag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Hierdoor is de cao-loonstijging, na het laagste punt in 2005, weer op hetzelfde niveau gekomen als in 2003.

De versnelde groei van de cao-lonen in het tweede kwartaal van dit jaar komt volgens het statistiekbureau vooral door de ontwikkelingen in de bouwnijverheid, de handel en de industrie. In de bedrijfstak bouwnijverheid namen de cao-lonen in het tweede kwartaal toe met 3,9 procent, tegenover een stijging van 2,3 procent in de eerste drie maanden.

De ontwikkeling van de cao-lonen in het onderwijs had daarentegen een remmend effect, aldus het CBS. Daar steeg het cao-loon in het tweede kwartaal met 3 procent, tegen 3,3 procent in het eerste kwartaal. Dit komt doordat er in deze sector vorig jaar in april een loonsverhoging werd doorgevoerd, terwijl dat dit jaar in januari was.

De contractuele loonkosten lagen in het tweede kwartaal van dit jaar 4 procent hoger dan een jaar eerder. Hiermee zijn ze ruim 0,5 procentpunt meer gestegen dan de cao-lonen. Vanaf 2002 tot en met 2005 stegen de loonkosten ook meer dan de cao-lonen. Naast de loonsverhogingen zijn de relatief hoge loonkosten dit jaar vooral toe te schrijven aan de verhoging van de wettelijke inkomensafhankelijke werkgeversbijdrage in de ziektekosten, aldus het CBS.