'Olie op de golven'

Een van de factoren waardoor financiële markten het momenteel zo moeilijk hebben is de olieprijs die in vijf jaar tijd van 25 dollar naar bijna 140 dollar per vat is gegaan.

Fred Huibers | Het Haags Effektenkantoor

De gestegen olieprijs (en overigens ook die van andere grondstoffen) begint steeds meer door te werken in het tempo van de geldontwaarding.

Op dit moment slapen centrale bankiers slecht van het besef dat oplopende inflatie vraagt om renteverhogingen, terwijl de vertragende economische groei gestimuleerd zou moeten worden middels renteverlagingen. Inmiddels heeft de FED - na een serie van renteverlagingen - de oplopende inflatie scherp op het netvlies, en renteverhogingen later dit jaar worden al door de markten ingeprijsd.

Het agressief aanpakken van de inflatie middels het verhogen van de rente is voor de economie op de kortere termijn niet gunstig. Op de langere termijn is het echter waarschijnlijk de beste oplossing. Zo wordt voorkomen dat inflatie een smeulende veenbrand wordt; het stagflatiescenario van de jaren zeventig.

Olie op de golven
Bij het ombuigen van de inflatieverwachtingen is een belangrijke rol weggelegd voor de olieprijs. Of er sprake is van een olieprijsbubbel is pas achteraf vast te stellen, maar wie de grafiek van de olieprijs vergelijkt met die van de Nasdaq van een aantal jaar geleden ontkomt niet aan die gedachte. Speculatieve bubbels worden vroeg of laat doorgeprikt.

Er zijn goede argumenten waarom de olieprijzen zich op de langere termijn in opwaartse richting zullen bewegen. Terwijl een Amerikaan jaarlijks 25 vaten olie consumeert en een Europeaan 15 vaten, gebruikt een Chinees 2 vaten per jaar en een Indiër minder dan 1 vat.

Welvaart
Het valt niet tegen te spreken dat de welvaartstoename in grote delen van de wereld tot een sterke toename van de vraag zal leiden, als de bevolking van deze regio's hun aandeel in de welvaart opeist. IJskasten, airconditioners, computers en uiteindelijk auto's en vliegreizen zullen de vraag naar olie krachtig ondersteunen. Maar voor de kortere termijn is een scherpe correctie mogelijk.

In de eerste plaats heeft Saoedi-Arabië (grootste olieproducent wereldwijd) de productie verhoogd. Dat doen ze niet om de mensheid een plezier te doen, maar om te voorkomen dat de hoge olieprijzen de wereld ertoe aanzet om alternatieven voor aardolie te zoeken. Hierdoor zou de dominante positie van olieproducenten naar de achtergrond verdwijnen.

Aanpassen
Ook is het duidelijk dat de huidige hoge olieprijs de vraag remt. Het gedrag van consumenten begint zich aan te passen aan de hoge prijzen. Zo daalt voor het eerst in dertig jaar het aantal gereden kilometers in de VS. Bovendien kopen Amerikanen steeds meer energie-efficiënte auto's.

Luchtvaartmaatschappijen schrappen een aanzienlijk deel van hun lijnen. Ook in de opkomende markten neemt de groei van de vraag af, nu de hoge olieprijzen veel landen ertoe hebben aangezet om, ondanks felle protesten van de bevolking, de subsidies op brandstoffen te verlagen.

De dalende dollar heeft een sterk opdrijvend effect op de grondstoffenprijzen gehad. Ook de FED realiseert zich dat de strijd tegen inflatie niet gebaat is bij een verder dalende dollar. Als de rente later dit jaar verhoogd wordt, zal dat de dollar stimuleren. Dit zal vervolgens de olieprijs zal drukken als speculanten uit de oliemarkt worden gedreven.

Storm komt tot bedaren
Een dalende olieprijs zou de financiële markten lucht geven. Dat is nodig omdat andere stimulansen zoals renteverlaging en positieve winstverrassingen hoogstwaarschijnlijk langer op zich zullen laten wachten. De leegloop van de luchtbel in de oliemarkt zal de eerste belangrijke stap zijn naar een normalisatie van de koersen van aandelen en obligaties.

Fred Huibers is partner bij Het Haags Effektenkantoor. 

Tip de redactie