Traditioneel hebben de marketeers van grote bedrijven de beste kaarten om de felbegeerde titel Chief Executive Officer (CEO) te bemachtigen. Daar is in de afgelopen jaren een kentering in gekomen.

 Fred Huibers | Haags Effektenkantoor

Het zijn steeds vaker de financiële experts binnen de onderneming die het tot voorzitter van de Raad van Bestuur schoppen. De verklaring voor dit fenomeen ligt waarschijnlijk in het feit dat de gevolgen van ‘ongelukken' op het gebied van financiële verslaglegging voor top management en de toezichthoudende Raad van Commissarissen sinds de invoering van strakkere corporate governance regelgeving groter zijn geworden.

De invoering van  het Sarbanes Oxley in 2002 in de Verenigde Staten is de meest markante aanscherping van bestuurdersaansprakelijkheid. Bestuurders hangen zware straffen zoals gevangenisstraf boven het hoofd als blijkt dat zij zich niet aan de voorschriften hebben gehouden.

Aandeelhouder
Een andere ontwikkeling die de financiële specialisten in de kaart speelt, is de opkomst van de activistische aandeelhouder. Vooral in Europa zijn veranderingen het meest zichtbaar. De relatief recente modernisering van de Europese corporate governance (in Nederland als gevolg van de commissies Peters en Tabaksblat) hebben aandeelhouders een sterkere positie gegeven om hun invloed te doen gelden.

Vaak sturen zij aan op radicale strategie wijzigingen zoals de opsplitsing van ondernemingen. De argumentatie voor deze wijzigingen (en daarmee de contra-argumenten waarmee het zittende management haar huidige strategie kan verdedigen) is complex en veelal financieel van aard. Vandaar dat de financiële man steeds vaker aangewezen wordt als topmanager.

Vroeg rijp, vroeg rot
Uit onderzoek van management consultant Booz & Company blijkt dat vooral in Europa de veranderingen in de top van bedrijven merkbaar is. De gemiddelde leeftijd van de CEO in Europa is 54, vergeleken met 56 jaar in de V.S. Ook heeft de Europese top manager een hogere kans om aan de kant gezet te worden.

Terwijl in Amerika de CEO gemiddeld negen jaar aan de knoppen mag draaien, heeft de Europese hoogste baas aanzienlijk minder tijd: slechts zeven jaar. Dat de snellere wisseling van de wacht in Europa iets te maken heeft met druk van aandeelhouders blijkt uit het feit dat in Europa 37 procent van het vertrek van de CEO niet vrijwillig is in vergelijking met 27 procent in de Verenigde Staten.

Europa
Europa bevind zich midden in een proces waarin de rechten van aandeelhouders versterkt worden en waar - in toenemende mate - aandeelhouders gebruik van maken. Het blijkt dat de kans op blauwe plekken groot is voor diegenen zich in deze turbulente tijden wagen aan de ‘top job'.

Fred Huibers is partner bij Het Haags Effektenkantoor.