AMSTERDAM - Is er wel of niet op hoog niveau en met meerdere mensen bij Ahold gesproken over consolidatie van de dochterbedrijven van het supermarktconcern in de boekhouding?

Daar draaide het woensdag om tijdens de tweede zittingsdag in het hoger beroep van drie oud-bestuurders en een voormalig commissaris. De door het Openbaar Ministerie (OM) opgeroepen getuige, Paul Butzelaar, voormalig hoofd juridische zaken bij het supermarktconcern, verklaarde dat hij er op meerdere momenten met sleutelfiguren binnen de organisatie over heeft gesproken. De advocaten van de verdediging trokken deze verklaring echter in twijfel.

Voor het gerechtshof in Amsterdam verklaarde Butzelaar, die betrokken was bij de onderhandelingen van de joint ventures met het Portugeese Jeronimo Martin Retail (JMR) en het Braziliaanse Brompreco, in ieder geval op twee momenten over consolidatie te hebben gesproken.

Terras
,Met een kopje thee" sprak de getuige met het hoofd administratie over de volledige consolidatie van JMR, terwijl Ahold maar een belang van 50 procent had. Een andere keer betrof het een gesprek op een terras tijdens de onderhandelingen over Brompreco.

De voormalige Ahold-manager schetste een beeld van Ahold als een overnamemachine, die de "beste en grootste retailer van de wereld" wilde worden. Het doel was volgens de getuige om bedrijven volledig over te nemen. Als dit niet mogelijk was door nationale regelgeving of andere oorzaken wilde Ahold alleen een joint venture aangaan met een minimaal belang van 50 procent.

De advocaat van Cees van der Hoeven, Michail Wladimiroff, trok deze verklaring in twijfel en vroeg de getuige of de raad van bestuur van Ahold ooit in zijn aanwezigheid over consolidatie had gesproken. De getuige moest ontkennend antwoorden, waarop Wladimiroff vervolgde met "dan weet u er ook niets over".

Van der Hoeven
Tijdens de zitting waren voormalig topman Cees van der Hoeven, ex-bestuurder Jan Andreae en oud-commisaris Roland Fahlin aanwezig. Voormalig financieel topman Michiel Meurs was net als maandag tijdens de eerste zittingsdag niet present.

In 2006 werden de oud-bestuurders veroordeeld tot voorwaardelijke celstraffen en geldboetes tot 225.000 euro. Fahlin werd vrijgesproken voor zijn rol in het schandaal dat Ahold in 2003 aan de rand van de afgrond bracht.

Ahold kwam in 2003 onder meer in de problemen door foute boekhouding bij buitenlandse dochterbedrijven en een grootschalige fraude bij het inmiddels verkochte US Foodservice. Zo bleek het concern inkomsten van enkele joint ventures volledig opgenomen te hebben in de jaarrekening terwijl dit niet mocht.

Side letters
In zogenoemde side letters ontkende Ahold dat het de baas was bij deze gezamenlijke buitenlandse dochterbedrijven zoals in control letters werd beweerd. Van der Hoeven en Meurs misleidden de accountant door niet deze side letters te laten zien.

De voormalige Ahold-medewerker Butzelaar is de enige getuige die het OM oproept tijdens dit hoger beroep. De andere getuigen, meestal (oud-)werknemers van Ahold, zijn door de verdediging opgeroepen. Na de zomer zullen de oud-bestuurders Van der Hoeven en Meurs worden gehoord. Het hof zal naar verwachting pas tegen het einde van het jaar uitspraak doen.