De werkdruk in de geestelijke gezondheidszorg is hoog. Alles moet zo efficiënt mogelijk. Is er nog wel tijd voor een gesprek over achterliggende problemen? Of gaat het alleen nog maar over snelle symptoombestrijding met medicatie? We vroegen het aan een psychiater, een psycholoog en een huisarts.

Psychiater Elnathan Prinsen, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP), nuanceert meteen de opvatting dat er steeds meer wordt bezuinigd op de geestelijke gezondheidszorg (ggz). "De investering is altijd nog gestegen, alleen is die stijging enorm afgevlakt. En je kunt je wel afvragen of het geld goed verdeeld is."

Het beeld dat er steeds langere wachttijden zijn binnen de ggz, klopt helaas wel. "De vraag naar geestelijke gezondheidszorg neemt toe, met name voor mildere klachten, want het aantal psychiatrische stoornissen blijft gelijk. Dan moet je kritisch bekijken waar je je geld en schaarse psychiaters inzet en hoe je die zorg inricht."

Niet zomaar antidepressiva

Door de lange wachttijden voelt huisarts Nikki Claassen van het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) zich soms machteloos. "Als een ernstig zieke patiënt maanden moet wachten na een verwijzing, kan ik dat niet oplossen. Ik ben geen psychiater. Ik probeer die periode zo goed mogelijk te overbruggen, bijvoorbeeld met ondersteunende gesprekken en soms met medicatie."

“Het beeld dat huisartsen te pas en te onpas antidepressiva voorschrijven is echt een vooroordeel.”
Nikki Claassen, huisarts

Medicatie is dan geen quick fix, maar een manier om toch alvast te helpen. Natuurlijk verschilt het per huisarts en per situatie hoe snel iemand medicatie meekrijgt. "Maar het beeld dat huisartsen te pas en te onpas antidepressiva voorschrijven is echt een vooroordeel", aldus Claassen.

Weinig aandacht

Volgens de cijfers gebruiken een miljoen mensen antidepressiva - geen gering aantal. Toch horen daar ook een paar nuanceringen bij. Zo lijkt een aanzienlijk deel daarvan het recept nooit daadwerkelijk op te halen. Daarnaast zijn er veel mensen met depressieve klachten: jaarlijks kampt één op de twintig mensen daarmee.

"En antidepressiva worden ook vaak voorgeschreven voor andere problemen", vult Prinsen aan. "Zoals angststoornissen of zenuwpijn, dat is gewoon conform de richtlijn. Soms ook als slaapmedicatie, daar kan je wel vraagtekens bij plaatsen."

Er is wel lange tijd te weinig aandacht geweest voor het te lang blijven gebruiken van antidepressiva, en begeleiding bij het stoppen daarmee. Claassen: "Als huisartsen richten we ons daar nu meer op. Wanneer een patiënt bijvoorbeeld antidepressiva gebruikt voor een depressie wordt na zes maanden geëvalueerd of er geleidelijk afgebouwd kan worden."

Therapie als eerste keuze

Het devies van Pim Cuijpers, hoogleraar Klinische psychologie aan de VU: een beetje terughoudendheid met antidepressiva is goed. "Zowel van psychotherapie als medicatie zijn de effecten relatief klein, maar medicatie brengt ook risico's en bijwerkingen met zich mee."

“Op de lange termijn lijkt een combinatie van therapie en medicatie het best.”
Pim Cuijpers, hoogleraar Klinische psychologie

In veel buitenlands onderzoek komen therapie en medicatie als even effectief uit de bus. "Maar daarbij is vooral gekeken naar de kortetermijneffecten, op de langere termijn werkt psychotherapie beter." Volgens hem moet therapie altijd de eerste keus zijn. "Als dat niet werkt of de depressie is heel ernstig, dan moet je natuurlijk aan medicatie denken. Op de lange termijn lijkt een combinatie van therapie en medicatie het best."

Er is overigens ook nog een deel van de depressieve mensen, zo'n 20 tot 30 procent, dat zonder behandeling herstelt. "Zelfs bij ernstige gevallen treedt soms 'spontaan herstel' op."

De noodzaak van medicatie

Claassen deelt Cuijpers' terughoudendheid met psychofarmaca als eerste optie. "Ontzettend veel mensen hebben weleens psychische klachten als somberheid, stress en eenzaamheid. Vaak kan je bij dit soort klachten al ver komen met voorlichting en goede adviezen over bijvoorbeeld dagindeling en ontspanningsmomenten, ondersteund door een verwijzing naar Thuisarts.nl."

Pas bij een bepaalde combinatie van klachten heb je het over een psychische stoornis. "En ook bij bijvoorbeeld een vastgestelde depressie of angststoornis is de eerste keuzebehandeling voorlichting en gesprekstherapie."

“Alleen iemand een pilletje geven, is sowieso niet aan de orde”
Elnathan Prinsen, psycholoog

Anders wordt het bij zeer ernstige klachten. Prinsen: "Dan is er minder ruimte voor bijvoorbeeld gesprekstherapie. Denk aan iemand die ernstig depressief is, nog nauwelijks spreekt en ook psychotische symptomen heeft. Of iemand die in een manische fase risicovolle dingen onderneemt omdat diegene zich onkwetsbaar waant."

In zo'n acute fase of soms ter voorkoming van nieuwe psychoses of depressieve episodes kan medicatie onmisbaar zijn. Daarbij zijn gedegen diagnostiek, meenemen wat de langetermijneffecten zijn en bijwerkingen afwegen tegen de voordelen altijd noodzakelijk. "Alleen iemand een pilletje geven, is sowieso niet aan de orde."

Patiënt staat meer centraal

Prinsen ziet een interessante ontwikkeling bij artsen: de nadruk op symptoomreductie verschuift naar het kijken wat de patiënt en zijn of haar omgeving belangrijk vinden. Wat voor de ene patiënt het hoogste goed is, vindt een ander helemaal niet belangrijk.

"Artsen redeneerden bij antipsychotica bijvoorbeeld vaak: ik moet ervoor zorgen dat iemand geen psychotische symptomen meer heeft. Maar ik had eens een patiënt die veel leed onder stemmen in zijn hoofd. Toen de stemmen helemaal weg waren door medicatie, voelde hij zich eenzaam. Met iets minder antipsychotica hoorde hij wel weer stemmen en had hij daar geen last, maar juist voordeel van."