Na jaren van toename is het aantal mensen dat van zorgverzekering wisselde gedaald. 

Stapte in de vorige periode nog tien procent van de verzekerden over, tussen december 2013 en februari 2014 was dat 8 procent.

Dat concludeert het Nederlands Instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg Nivel maandag.

Opzeggen van de polis gebeurt in december. Uiterlijk in februari moeten mensen een nieuwe zorgverzekeraar hebben gevonden.

De hoogte van de premie blijft daarbij de belangrijkste reden om over te stappen, stelt het Nivel na een enquête onder zo'n achthonderd mensen. 61 procent van de ondervraagden keek vooral naar de portemonnee.

Goedkoopste polissen

Opmerkelijk is dat ook de keuzevrijheid voor verzekerden belangrijk is (64 procent). Ze vinden het prettig om zelf te kunnen kiezen in welk ziekenhuis of bij welke behandelaar ze terechtkunnen.

Verzekeraars bieden wel goedkopere polissen aan, maar dan kunnen mensen niet overal meer terecht voor zorg. Slechts zes procent van de ondervraagden koos voor zo'n budgetpolis met beperkte keuzevrijheid.

Ouderen en mensen met een matige of slechte gezondheid wisselen het minst van verzekeraar. In de groep 18 tot en met 39 jaar zijn de meeste overstappers te vinden. Van de jongeren wisselde in 2014 veertien procent, tegenover vijf procent van de mensen van 40 tot en met 64 jaar en twee procent van de mensen van 65 jaar en ouder.

Jongeren

"Kennelijk stappen jongeren makkelijker over", zegt onderzoekster Margreet Reitsma. "Zij gebruiken gemiddeld genomen minder zorg en voor hen zal de inhoud van de verzekering minder zwaar wegen dan de premie."

Tussen 2006 en 2013 daalde het percentage mensen met een aanvullende verzekering van 97 naar 87 procent. Dit jaar daalt dit verder naar 85 procent van de ondervraagden. Driekwart geeft aan de in hun ogen dure, aanvullende verzekering niet nodig te hebben omdat ze er geen of weinig gebruik van maken.