Ruim 2 miljoen mensen zijn ooit slachtoffer geworden van identiteitsfraude. In bijna de helft van de gevallen (46 procent) gaat het om financiële identiteitsfraude, onder andere door het skimmen van een bankpas.

Onder financiële fraude valt ook automatische incasso’s op naam, diefstal van creditcard gegevens, aankoop van spullen op naam, huren van voertuigen of spullen met gebruik van (een kopie van) paspoort of rijbewijs.

Dat blijkt uit gegevens die minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken donderdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Ze zijn gebaseerd op een steekproef.

Bijna 20 procent van de slachtoffers kreeg te maken met ID-fraude via het internet. Bij 10 procent was sprake van het gebruik van andermans identiteit om straffeloos een overtreding of misdrijf te begaan. Ook in zo’n 10 procent van de gevallen werd een vals burgerservicenummer gebruikt bij een huisarts of in een ziekenhuis.

Schade

Het aantal slachtoffers per jaar van identiteitsfraude is fors gestegen van ongeveer 75.000 in 2007 naar 612.000 in 2012.

De geschatte schade was het hoogst in 2010 (735 miljoen euro) en daalde naar 355 miljoen in 2012. Sinds 2007 gaat het om een schade van opgeteld 2,8 miljard. Daarnaast is er nog schade voor bedrijven en overheden.

Er loopt een campagne via gemeenten om fraude met kopieën van paspoorten en rijbewijzen tegen te gaan. Dit najaar komt het kabinet met een bredere aanpak van identiteitsfraude.