Geert Wilders deed eind november aangifte tegen premier Mark Rutte, wegens "discriminatie van alle Nederlanders". Volgens de PVV-leider worden "Nederlanders behandeld als tweederangsburgers in ons eigen land", terwijl asielzoekers volgens hem allerlei (financiële) voordeeltjes krijgen. NUcheckt onderzocht de uitspraken van Wilders. 

Als voorbeelden noemt Wilders vluchtelingen die voorrang krijgen op een huurwoning en asielzoekers die geen zorgpremie hoeven te betalen.

Op de website rutte3discrimineert geeft de PVV meer redenen waarom Nederlanders achtergesteld zouden worden, terwijl met name asielzoekers zouden worden voorgetrokken door het nieuwe kabinet. De partij beweert dat allerlei zaken gratis zijn voor asielzoekers, zoals bijvoorbeeld fysiotherapie, brillen en een bezoek aan de tandarts.

NUcheckt zet bovengenoemde beweringen en een aantal andere door de PVV genoemde voorbeelden op een rij en controleert deze op waarheid.

  1. 'Vluchtelingen krijgen voorrang op een huurwoning'
  2. 'Asielzoekers krijgen tot 10.000 euro zakgeld om hun nieuwe huis in te richten'
  3. 'Gemeenten betalen de eerste twee jaar de woninghuur voor statushouders'
  4. 'Asielzoekers krijgen 850 euro leefgeld per maand'
  5. 'Asielzoekers hoeven geen zorgpremie te betalen en geen eigen risico te hebben'
  6. 'Twee derde van alle bijstandsuitkeringen gaat naar allochtonen'

Hierbij moet in aanmerking worden genomen dat er een onderscheid bestaat tussen een asielzoeker (iemand die in de asielprocedure zit) en een statushouder (iemand die een verblijfsvergunning heeft gekregen).

Ook belangrijk om op te merken is dat de PVV zich met de naam van de website specifiek richt op het kabinet-Rutte III. De huidige wetgeving over de rechten en plichten van asielzoekers en statushouders bestaat echter al langer dan dit kabinet. NUcheckt is bij de behandeling uitgegaan van die bestaande regels, die kunnen afwijken van afspraken uit het regeerakkoord van Rutte III.

1. 'Vluchtelingen krijgen voorrang op een huurwoning'

Asielzoekers die een verblijfsvergunning hebben verkregen, hebben recht op een eigen woning. Gemeenten hebben de taak om deze vergunninghouders, of statushouders, woonruimte te geven. Dat kan een zelfstandige woning zijn of een huis dat gedeeld moet worden met meerdere mensen.

Statushouders krijgen sinds 1 juli niet meer automatisch voorrang bij een sociale huurwoning. Het vorige kabinet-Rutte II bepaalde dit, omdat het niet meer wilde dat de wachttijd voor andere woningzoekenden verder zou oplopen.

Aan de andere kant moeten gemeenten elk half jaar voldoen aan de taak om een bepaald aantal statushouders een woning te bieden. Dit is vastgelegd in de Huisvestingswet. Het aantal statushouders dat een gemeente moet huisvesten, hangt af van het aantal inwoners.

De 388 Nederlandse gemeenten moeten in de 2e helft van 2017 tienduizend asielzoekers met een verblijfsvergunning (vergunninghouders) aan woonruimte helpen, meldt de Rijksoverheid. Daar komt een achterstand van 138 bij, die gemeenten in voorgaande periodes hebben opgelopen. 

Op deze interactieve kaart is per gemeente te zien hoeveel statushouders er moesten worden gehuisvest en voor welk aantal dat is gelukt.

In de eerste helft van 2018 moeten de gemeenten dertienduizend statushouders aan woonruimte helpen. Naar verwachting wordt dat aantal in de tweede helft van 2018 op achtduizend gesteld.

Het vorige kabinet gaf gemeenten de taak om statushouders snel van een woning te voorzien om de inburgering te bevorderen en om de relatief hoge kosten van het verblijf van deze groepen in asielzoekerscentra zo veel mogelijk te beperken.

Ook burgers die mantelzorg krijgen of uit een ggz-instelling komen kunnen voorrang krijgen.

In de praktijk kan het inderdaad nog steeds zo zijn dat statushouders voorrang krijgen bij het zoeken naar een huurwoning, maar dat is sinds dit jaar niet meer automatisch het geval en wordt per gemeente bepaald.

Oordeel: Grotendeels waar

2. 'Asielzoekers krijgen tot 10.000 euro zakgeld om hun nieuwe huis in te richten'

De gemeente regelt de betaling van het geld dat statushouders die een woning toegewezen hebben gekregen mogen uitgeven aan een nieuwe huisraad. Dit zogeheten inrichtingskrediet is een lening, maar in sommige gemeenten gaat het om een gift. Gemeenten zijn er vrij in om de hoogte van het inrichtingskrediet te bepalen.

Uit een inventarisatie van het Brabants Dagblad bleek in mei vorig jaar dat een statushoudersgezin dat in Oisterwijk kwam te wonen een gift van 10.000 euro kreeg om een woning in te richten. De PVV heeft het genoemde bedrag hier vandaan. Het bewoog de partij destijds om een motie in te dienen, waarin de regering werd verzocht om gemeenten te verbieden nog geld te geven voor inboedels.

De gemeente Oisterwijk laat aan NUcheckt weten dat de vergoeding inmiddels is aangepast. Het beleid is volgens een woordvoerder "herijkt" en "in lijn gebracht met de bedragen die de regiogemeenten hanteren". Een gezin met twee kinderen dat in Oisterwijk komt wonen, mag nu ruim 6.000 euro besteden aan meubelen.

Dat de hoogte van het bedrag voor een inboedel flink kan variëren per gemeente, bleek ook uit het stuk van het Brabants Dagblad. Statushouders in de gemeente Boekel kregen in 2016 bijvoorbeeld een lening van 3.500 euro, die binnen drie jaar moest worden terugbetaald.

In de gemeente Oisterwijk, was het in 2016 inderdaad zo dat een gezin van statushouders een gift van 10.000 euro kreeg om een woning in te richten. Dat was op dat moment de hoogste dergelijke vergoeding. Het landelijk gemiddelde lag veel lager (circa 6.000 euro).

Het was, tot dit jaar, strikt genomen dus waar dat statushouders - niet 'asielzoekers' - een bedrag 'tot 10.000 euro' konden krijgen, al was dit bedrag landelijk een flinke uitschieter. In 2017 komt de toelage in Oisterwijk overeen met het landelijk gemiddelde. Bovendien betreft de toelage in veel andere gemeenten een lening in plaats van een gift. De stelling is op basis van de huidige cijfers niet waar.

Oordeel: Onwaar

3. 'Gemeenten betalen de eerste twee jaar de woninghuur voor statushouders'

Statushouders hebben recht op een bijstandsuitkering, waarmee zij de huur voor hun woning kunnen betalen. 

De enige uitzondering is als vergunninghouders tijdelijk worden gehuisvest in bijvoorbeeld vakantiewoningen of leegstaande kantoren, omdat er nog geen permanente woningen beschikbaar zijn. De vergunninghouders krijgen in dit geval geen bijstandsuitkering, omdat ze technisch gezien nog vallen onder het regime van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA). Daarom hoeven zij geen huur te betalen aan de gemeente. 

Deze zogeheten gva-regeling geldt voor maximaal twee jaar, daarna moet de gemeente definitieve woonruimte hebben geregeld voor de vergunninghouder. Die dient vanaf dat moment zelf de huur te betalen.

De stelling van de PVV is te onvolledig om als waar te worden gerekend. Alleen statushouders die tijdelijk ergens moeten worden gehuisvest, terwijl zij nog geen recht hebben op een uitkering (en dus geen regulier inkomen hebben), hoeven geen huur te betalen. In feite worden zij nog gehuisvest door het COA.

Oordeel: Grotendeels onwaar

4. 'Asielzoekers krijgen 850 euro leefgeld per maand'

De precieze toelagen die een asielzoeker krijgt voor levensonderhoud zijn afhankelijk van leeftijd en gezinssamenstelling. De bedragen zijn vastgelegd in de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen (Rva) en geldig tot 16-11-2017. De bedragen zijn vastgesteld aan de hand van richtlijnen van het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud)

Elke asielzoeker krijgt 12,95 euro per week aan zakgeld, dat is bedoeld voor kleding, toiletartikelen en andere persoonlijke spullen. Dit bedrag is gelijk voor volwassenen en kinderen.

Een alleenstaande volwassen asielzoeker die verblijft in een opvangcentrum waar geen warme avondmaaltijd wordt verstrekt, krijgt een toelage van 44,36 euro per week voor eten. Voor alleenstaande bewoners van locaties waar wel voor een avondmaaltijd wordt gezorgd, is dat 29,68 euro per week.

Een gezin van twee volwassenen en twee kinderen dat zelf alle maaltijden verzorgt, krijgt 114 euro per week voor voeding. Voor een gezin op een locatie waar wel een warme avondmaaltijd wordt verstrekt, is dat 76,72.

Met het wekelijkse leef- en zakgeld krijgt een alleenstaande asielzoeker zonder eigen vermogen die zelf zijn of haar maaltijden verzorgt per maand 229,32 euro. Voor een gezin van vier met twee minderjarige kinderen is dat 660,24 euro, oftewel zo'n 165 euro per persoon per vier weken.

Naast het leef- en zakgeld kan een asielzoeker ook aanspraak maken op eenmalige vergoedingen, bijvoorbeeld voor keukenspullen om zelf te kunnen koken of reiskosten voor onderdelen van de asielprocedure, onderwijs of bezoeken aan medische zorgverleners.

Het is niet duidelijk waar het door de PVV gegeven bedrag van 850 euro leefgeld per persoon per maand vandaan komt. Dat is aanmerkelijk hoger dan de wettelijk vastgelegde toelagen die het COA aanhoudt.

Oordeel: Onwaar

5. 'Asielzoekers hoeven geen zorgpremie te betalen en geen eigen risico te hebben'

Vluchtelingen die in Nederland asiel hebben aangevraagd, hebben recht op dezelfde medisch zorg als Nederlanders met een basisverzekering. De zorgverzekering voor asielzoekers is gratis. Ook geldt voor hen geen eigen bijdrage of eigen risico. Het COA stelt dat dit in de meeste gevallen ook niet kan, omdat de asielzoekers geen inkomen hebben. Desondanks moeten zij aanspraak kunnen maken op noodzakelijke medische zorg. Dat geldt bijvoorbeeld voor gevangenen in een penitentiaire inrichting. 

De vergoeding van deze zorg is vastgelegd in de Regeling Zorg Asielzoekers (RZA). Het COA heeft voor de vergoeding van de zorgkosten van asielzoekers een contract afgesloten met een zorgverzekeraar. De kosten hebben geen effect op de premies die Nederlandse verzekerden betalen.

Bezoekers van een azc kunnen net als Nederlanders naar de huisarts, verloskundige of het ziekenhuis. De vergoedingen uit de RZA zijn ongeveer hetzelfde als de dekking van de basisverzekering, hoewel asielzoekers niet naar de huisarts kunnen voor zaken zoals hulp bij stoppen met roken.

Asielzoekers hebben ook recht op bepaalde zorgonderdelen die normaal onder de eigen bijdrage kunnen vallen, zoals fysiotherapie (bij bepaalde aandoeningen aan het zenuwstelsel of het bewegingsapparaat), brillen (één bril per drie jaar voor volwassen en één bril per twee jaar voor kinderen), rollators, hoortoestellen en kraamzorg.

Volwassen asielzoekers kunnen bij de tandarts alleen gratis terecht voor noodhulp (tot maximaal 250 euro per jaar). Ook maken zij aanspraak op een behandeling bij de kaakchirurg en op een kaakprothese, indien medisch noodzakelijk. Kinderen kunnen naar de tandarts voor veel verschillende behandelingen en hebben recht op één preventieve gebitscontrole per jaar.

Deze stelling is in principe waar, maar laat enkele belangrijke nuances achterwege. Asielzoekers hoeven tijdens hun asielprocedure inderdaad niet te betalen voor basiszorg. Zodra er een verblijfsvergunning wordt verstrekt, moet er wel een zorgverzekering worden afgesloten (en zorgpremie en eigen risico worden betaald).

Oordeel: Grotendeels waar

6. 'Tweederde van alle bijstandsuitkeringen gaat naar allochtonen'

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) meldt dat er in augustus 2017 in totaal 468.000 bijstandsgerechtigden (tot de AOW-leeftijd) waren.

39,5 procent van die bijstandsgerechtigden heeft een Nederlands achtergrond, 50,9 procent heeft een niet-westerse migratieachtergrond en 9,6 procent heeft een westerse migratieachtergrond. Het totale aantal bijstandsgerechtigden met een migratieachtergrond bedraagt dus 60,5 procent - inderdaad bijna twee derde van het totaal.

Het aantal bijstandsuitkeringsgerechtigden met een niet-westerse migratieachtergrond is in de afgelopen jaren gestegen. Zo nam het aantal tussen juni 2016 en juni 2017 met zestienduizend toe. Die groei betreft voornamelijk asielzoekers, overwegend uit Syrië en Eritrea, die een verblijfsvergunning hebben gekregen en daarna een beroep op de bijstand konden doen. Het CBS meldt dat de bijstand doorgaans met vertraging reageert op bewegingen op de arbeidsmarkt.

Het is inderdaad zo dat ongeveer twee derde van het aantal bijstandsuitkeringsgerechtigden een migratieachtergrond heeft. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat het hier gaat om Nederlanders. Het is niet duidelijk hoe deze stelling zich verhoudt tot de overkoepelende bewering van Wilders dat 'alle Nederlanders worden gediscrimineerd'.

Oordeel: Waar

Heeft u een bericht of bewering gezien waarvan u de juistheid betwijfelt? Mail dan naar factcheck@nu.nl en NUcheckt gaat ermee aan de slag.