Klimaatverandering is "een probleem voor alles en iedereen", zegt de gerenommeerde aan Texas Tech University verbonden klimaatwetenschapper Katharine Hayhoe. Om dat duidelijk te maken, moeten we op een andere manier communiceren over de feiten en de oplossingen. "Het gaat niet om het hoofd, maar om het hart."

Als klimaatwetenschapper in het conservatieve West-Texas bevindt Hayhoe zich in het hol van de leeuw. Maar via haar kerk, verenigingen in de buurt en sociale media gaat ze juist in gesprek met mensen die zich niet bezighouden met de klimaatcrisis of die de wetenschap ontkennen.

In haar boek Hoop voor de aarde schrijft Hayhoe dat de kloof tussen klimaatsceptici en klimaatactivisten - en alles daar tussenin - alleen kan worden overbrugd door met elkaar te praten.

We moeten niet alleen praten over de manier waarop klimaatverandering onze levens gaat beïnvloeden en nu al beïnvloedt, maar óók over welke oplossingen er zijn om de ergste gevolgen van een opwarmende aarde te voorkomen.

U schrijft dat het niet helpt om de wetenschappelijke feiten over klimaatverandering te blijven uitstorten over mensen die er niet in geloven. Dat moet een pijnlijk inzicht zijn geweest voor een wetenschapper.

"Heel pijnlijk. Wij wetenschappers geloven dat de feiten ons zullen bevrijden. Dat mensen op basis van de feiten de juiste stappen zullen zetten. Maar we vertellen mensen al vijftig jaar de feiten en in die vijftig jaar hebben we 70 procent van onze CO2-uitstoot geproduceerd. Dus we moeten anders communiceren. We moeten begrijpen dat het niet gaat om het hoofd, maar om het hart."

We moeten vooral in gesprek over de gevolgen van klimaatverandering op ons eigen leven, schrijft Hayhoe in haar boek. Niet zozeer over de smeltende ijskappen of het lot van mensen aan de andere kant van de wereld, maar over hoe het onze hobby's, ons werk of onze directe leefomgeving beïnvloedt. Over de gevolgen van steeds ergere droogte voor boeren of de consequenties van warmere winters voor fanatieke skiërs.

"Klimaatverandering heeft gevolgen voor onze gezondheid, voor de veiligheid van onze leefomgeving, voor de lucht die we inademen en het water dat we drinken. Het raakt elk aspect van ons leven."

Hoe kunnen een-op-eengesprekken leiden tot de gigantische veranderingen die nodig zijn om klimaatverandering te bestrijden?

"Ik hoor vaak van mensen dat de tijd om te praten voorbij is: nu is het tijd om te handelen. Mijn reactie daarop is: hoe kunnen mensen samen handelen zonder te communiceren? Laat mij eens voorbeelden zien van grote veranderingen die hebben plaatsgevonden zonder dat mensen met elkaar hebben gecommuniceerd. Die zijn er niet."

"Kijk naar hoe onze maatschappij in het verleden is veranderd. Naar het einde van apartheid, hoe vrouwen het stemrecht hebben gekregen, naar de burgerrechtenbeweging in de Verenigde Staten. Hoe zijn die veranderingen er gekomen?"

"Niet omdat de premier, de president, de koning of de directeur van een groot bedrijf besloot dat apartheid maar eens moest stoppen. Ze zijn er gekomen, omdat normale mensen zonder bijzonder veel macht of roem, maar mét de moed om hun geweten te volgen opriepen tot verandering."

In het socialemediatijdperk gaat het vaak over bubbels: de mensen om ons heen zijn het al met ons eens. Hoe bereik je mensen die anders denken over klimaatverandering?

"Ik hoor het vaak: 'Iedereen om mij heen maakt zich al zorgen.' Ja, natuurlijk! Zelfs in de VS maakt 70 procent van de mensen zich zorgen over klimaatverandering, wereldwijd doet 86 procent van de jongeren dat. Het verschil is dat bijna niemand zich actief inzet voor het klimaat, in de VS is dat maar 8 procent. Als dat zo blijft, gaan we het probleem nooit oplossen."

"Dus waarom moeten we in gesprek? Meestal is dat om mensen te laten zien wat we eraan kunnen doen. We zijn allemaal onderdeel van iets groters: een school of universiteit, een zeilclub of een groep mensen die samen de hond uitlaat. Maar ook van een heel land. En als we onze stem gebruiken om op te roepen tot veranderingen, kunnen we het verschil maken."

"Stel dat je op je werk het gesprek over energieverspilling aangaat en ze het energieverbruik met 15 procent weten te verminderen. Of je praat met de kantine over het verminderen van voedselverspilling of het aanbieden van klimaatvriendelijke producten. Dan zorg je voor een enorme verandering."

Uw boek heet Hoop voor de aarde en u benadrukt het belang van een hoopvolle boodschap. Maar wie de laatste klimaatrapporten doorneemt, komt veel slecht nieuws tegen. Hoe blijft u dan toch hoopvol?

"Als alles goed gaat, heb je geen hoop nodig. Het is belangrijk om te erkennen dat hoop betekent dat het nu slecht gaat en dat het waarschijnlijk nog erger wordt. Maar hoop draait om de kans op een betere toekomst, hoe klein en onzeker die kans ook is."

"En dat is mogelijk. Want als we stoppen met het gebruik van fossiele brandstoffen, maken we ook een einde aan de tien miljoen doden per jaar door luchtvervuiling. Dan leveren we betaalbaardere energie voor de hele wereld, niet alleen voor rijke landen. We verminderen voedselverspilling en zorgen dat er voldoende voor iedereen is. We kunnen zó veel wereldproblemen aanpakken met klimaatoplossingen."

"Hoop is dus die kleine kans op een betere toekomst, een klein licht aan het eind van de donkere tunnel waar we ons nu in bevinden. We moeten zo hard mogelijk vechten, omdat we weten dat er iets beters op ons wacht."

"Daarom hebben we hoop nodig, maar wel realistische, rationele hoop. Dat begint bij zeggen dat klimaatverandering echt is. Het is menens. Het raakt ons vandaag al. Maar we kunnen de ergste gevolgen nog voorkomen. Dat weet ik, omdat ik die wetenschap bedrijf en kijk naar de toekomstscenario's. En ik weet dat het van ons afhangt in welke van de verschillende scenario's we terechtkomen. Ónze keuzes bepalen de toekomst."