Een groot deel van de Nederlandse CO2-uitstoot komt van een klein aantal bedrijven. Dit zijn de fabrieken, raffinaderijen en elektriciteitscentrales die in Nederland de grootste impact op het klimaat hebben.

De tien grootste uitstoters van Nederland zorgen in 2020 voor een kwart van de totale CO2-uitstoot. In totaal zijn er 22 bedrijven die minstens 1 megaton CO2 per jaar uitstoten. Zij zijn samen goed voor 39 procent van de totale uitstoot.

Dat blijkt uit de officiële uitstootcijfers die worden bijgehouden door de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa). De recentste cijfers die beschikbaar zijn, gaan over het jaar 2020. Toen was de uitstoot in Nederland overigens relatief klein, doordat de economie aan het begin van de coronacrisis op een lager pitje draaide.

In totaal stootte Nederland in 2020 zo'n 165 miljard kilo CO2-equivalenten uit, oftewel 165 megaton. We spreken over CO2-equivalenten, omdat er naast koolstofdioxide (CO2) ook andere broeikasgassen als methaan en lachgas worden meegeteld. Die zorgen net als CO2 voor opwarming van de aarde.

Tata Steel voert de lijst aan

Met 5,8 megaton CO2 is Tata Steel in IJmuiden de grootste uitstoter van Nederland. De staalfabriek stoot niet alleen veel broeikasgassen uit, maar is vaak ook in het nieuws vanwege de grote uitstoot van andere schadelijke stoffen, die in de directe omgeving voor luchtverontreiniging zorgen.

Eigenlijk ligt de CO2-uitstoot van Tata hoger dan 5,8 megaton, want twee elektriciteitscentrales van Vattenfall draaien volledig op restgassen van de staalfabriek. Zij zijn samen goed voor 5,1 megaton CO2, waardoor in totaal zo'n 11 megaton valt toe te schrijven aan Tata Steel.

Op nummer twee in de lijst staat het Chemelot-complex in Geleen. De daar verzamelde chemiebedrijven melden gezamenlijk hun uitstoot, die in 2020 4,7 megaton bedroeg. Met 4,1 megaton staat ook het chemiebedrijf Dow Chemical in Terneuzen hoog in de lijst. Dat is ongeveer evenveel als de olieraffinaderij van Shell in Rotterdam, die op plek drie staat.

Verder zijn er in de lijst verschillende elektriciteitscentrales te vinden, waaronder kolencentrales van Uniper (Rotterdam) en RWE (Eemshaven). Net buiten de top tien valt een reeks elektriciteitscentrales die met aardgas worden gestookt.

Uitstoot industrie en elektriciteitssector moet flink omlaag

Zoals op de kaart te zien is, zijn de grote uitstoters in groepjes over het land verspreid. Onder meer in Rotterdam, IJmuiden, de Eemshaven en aan de Westerschelde bevinden zich industrieterreinen waar ook elektriciteitscentrales staan.

In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de Nederlandse industrie in 2030 zo'n 59 procent minder CO2 moet uitstoten dan in 1990. Een deel van die vermindering gebeurt 'natuurlijk': de uitstoot was in 2015 al meer dan een derde kleiner dan 25 jaar eerder. Maar door het Klimaatakkoord moet de industrie nog eens 14,3 megaton besparen.

Voor de elektriciteitssector is de opgave nog groter: 20,2 megaton minder in 2030. Dat moet worden gehaald door in dat jaar minstens 70 procent van onze stroom uit zonne- en windenergie te halen. Afgelopen jaar was dat aandeel nog 33 procent.

Als we meer hernieuwbare energie opwekken, zijn vervuilende elektriciteitscentrales minder vaak nodig. Alle kolencentrales, die de grootste uitstoot hebben, moeten in 2030 gesloten zijn. De aardgascentrales blijven dan nog wel draaien.