Terwijl de verkopen van elektrische auto's in de meeste landen langzaam maar gestaag groeien, is in Noorwegen juist de verbrandingsmotor al de uitzondering. Minder dan 10 procent van de auto's die vorig jaar werden verkocht was een 'ouderwetse' benzine- of dieselwagen. Hoe hebben de Scandinaviërs die overstap zo snel kunnen maken?

Eind jaren tachtig gaf de Noorse popgroep A-ha onbedoeld het eerste zetje dat ervoor zou zorgen dat Noorwegen ruim twee decennia later de wereldwijde koploper zou zijn op het gebied van elektrische auto's. De groep importeerde uit Zwitserland een omgebouwde Fiat Panda die elektrisch was gemaakt, met een bereik van slechts 45 kilometer.

Overal waar ze kwamen, weigerden de muzikanten om tol en parkeergeld te betalen. Door onbetaalde boetes werd de auto meermaals in beslag genomen door de politie. Daarna kocht A-ha de wagen steeds weer voor een prikkie terug op een veiling, omdat er niemand anders was die het vreemde Pandaatje wilde hebben.

Het leverde regelmatig media-aandacht op, en in 1996 was de Noorse overheid het spelletje zat: elektrische auto's werden officieel vrijgesteld van tol. Vanaf 1999 konden ze ook nog eens gratis parkeren.

Zo is de popgroep medeverantwoordelijk voor twee van de vele subsidies die de elektrische auto in Noorwegen razend populair hebben gemaakt. Ze waren vorig jaar al goed voor twee derde van alle auto's die in Noorwegen werden verkocht, blijkt uit cijfers van branchevereniging OFV. Verder werden er vooral hybridemodellen verkocht; slechts 8 procent van alle nieuwe personenauto's was nog een 'traditionele' benzine- of dieselauto.

Nederland staat tweede in Europa, maar op een grote achterstand. Vorig jaar was ongeveer één op de vijf auto's die hier werd verkocht volledig elektrisch, blijkt uit cijfers van de RAI Vereniging. We hebben dus nog een flinke weg te gaan om Noorwegen in te halen.

Btw-vrijstelling maakt elektrisch rijden betaalbaar

De voorsprong van de Noren komt niet alleen door de fratsen van A-ha. Door de ruime beschikbaarheid van goedkope elektriciteit uit waterkrachtcentrales en de metaalindustrie die daar gebruik van maakte, ontstonden begin jaren negentig plannen om in Noorwegen elektrische auto's te gaan produceren.

Het bedrijf Pivco ging kleine tweezitters maken. Die werden nooit een succes, en het bedrijf doorstond meerdere verkopen, naamsveranderingen en faillissementen voordat de stekker er in 2011 definitief uit werd getrokken. Maar door de media-aandacht voor de start-up ontstond er wel overheidsbeleid om de verkoop van elektrische auto's te stimuleren, zegt Robbie Andrew, wetenschapper aan het Noorse klimaatonderzoekscentrum CICERO. "Er was veel interesse in het idee dat Noorwegen een producent van elektrische auto's kon worden."

Het stimuleringsbeleid was makkelijk - en goedkoop - om in te voeren in een tijd dat er nog nauwelijks elektrische auto's beschikbaar waren. Maar in de afgelopen tien jaar zorgde het er ineens voor dat Noorwegen koploper werd in de verkoop van zulke auto's. Met name door de vrijstelling van btw, normaal 25 procent op de aanschaf van een benzinewagen, werden elektrische auto's al snel even goedkoop of zelfs goedkoper dan hun fossiele evenknieën.

Daarnaast gelden er nog veel voordelen die Nederland niet kent: elektrische auto's mogen busbanen gebruiken, worden vrijgesteld van tol en krijgen korting bij het parkeren en op veerponten.

Subsidie kost inmiddels bakken met geld

Al deze voordelen, gecombineerd met een snel groeiend elektrisch wagenpark, zorgen er inmiddels voor dat de overheidsinkomsten uit weggebruik snel teruglopen. De belastingkorting kostte de Noorse staat vorig jaar zo'n 30 miljard kroon (2,9 miljard euro).

"Er wordt wel over gesproken dat het moet worden teruggedraaid", zegt Andrew. "Maar het is politiek een heet hangijzer. Er rijden inmiddels zo veel mensen elektrisch dat het niet gemakkelijk meer te veranderen is."

Bovendien zorgt de elektrificering van het wagenpark voor een sterke CO2-reductie. "Als je het geld hebt, is dit politiek gezien een makkelijke manier om je uitstoot terug te dringen", aldus de wetenschapper.

Nederland blijft komende jaren achterlopen

Omdat Nederland elektrisch rijden minder genereus subsidieert dan Noorwegen, zullen de verkopen van elektrische auto's hier voorlopig lager blijven, denkt sectoreconoom Rico Luman van het ING Economisch Bureau. "Noorwegen loopt wel heel erg ver voor."

Waarschijnlijk wordt het verschil kleiner als de elektrische auto ook in Nederland even goedkoop is als een benzineauto. Als markttrends zich voortzetten, kan dat volgens Luman in 2025 het geval zijn. "Dat is ook afhankelijk van de introductie van nieuwe betaalbare modellen. Dat gaat op zich de goede kant op."