VN-hoofd humanitaire zaken en noodhulp Mark Lowcock zegt dat er "heel duidelijke" bewijzen van humanitaire nood in Noord-Korea zijn. Lowcock is sinds maandag in Noord-Korea om de humanitaire situatie in het geïsoleerde land in kaart te brengen.

De VN-chef heeft woensdag in de hoofdstad Pyongyang een ontmoeting met Kim Yong-nam, de Noord-Koreaanse president die alleen in naam staatshoofd is.

Op voorhand heeft Lowcock een video op Twitter gepubliceerd waarin hij zijn ervaringen tot dan toe schetst. Eerder deze week heeft hij verschillende gebieden in het zuidwesten van Noord-Korea bezocht.

"Een van de dingen die we hebben gezien, is duidelijk bewijs dat hier humanitaire nood heerst", zegt Lowcock in de video. "Meer dan de helft van de kinderen op het platteland, inclusief de plekken waar wij geweest zijn, hebben geen schoon water en vervuilde waterbronnen."

Ondervoed

Volgens de VN is zo'n 20 procent van de kinderen in Noord-Korea ondervoed. Meer dan tien miljoen mensen, ongeveer 40 procent van de totale bevolking, heeft noodhulp nodig.

De VN-delegatie bezocht ook een ziekenhuis dat geen steun ontvangt van de internationale gemeenschap. Van de 140 tbc-patiënten die daar aanwezig waren, konden er vanwege medicijntekorten maar 40 worden behandeld, zei Lowcock.

Geldgebrek

De VN heeft bekendgemaakt dat een voedselprogramma op Noord-Koreaanse kleuterscholen wegens geldgebrek is stopgezet. Het zogeheten prioriteitenplan van de VN mist 90 procent van de benodigde financiering.

Noodhulp valt niet onder de verschillende internationale sancties die zijn ingesteld vanwege het Noord-Koreaanse kernwapenprogramma. Maar VN-medewerkers hebben gewaarschuwd dat de sancties hulpzendingen vertragen en de nood vergroten.