Eigenlijk begon de triomftocht van de Arctic Monkeys al in 2005 toen de band in eigen land op unieke wijze een nummer 1-hit scoorde. Rond die tijd, begin november was er voor het Nederlandse publiek al een voorproefje in de kleine zaal van Paradiso.

De aanwezige Nederlanders bij die show waren waarschijnlijk op één hand te tellen, maar de toon was gezet: de Arctic Monkeys hadden alles in zich om de grote belofte voor 2006 te worden. Die belofte kwam de band met verve na, het album dat al begin 2006 verscheen kan de boeken in als een klassieker. Alex Turner, die naast zijn rol als zanger van de band, ook nog verantwoordelijk is voor het grootste deel van de composities, was tijdens het schrijven van de nummers voor het album nog een tiener. Voor iemand die op dat moment nog niet professioneel met muziek bezig was, schrijft hij, zeer zacht uitgedrukt, bijzonder aardige liedjes.

Nummers als "Fake Tales Of San Fransisco", "I Bet You Look Good On The Dance Floor" en "When The Sun Goes Down" geven op zeer treffende wijze het dagelijks leven van een doodgewone Engelse jongeman weer en dit alles is voorzien van een heerlijk klinkend sausje. Hiermee scharen de Arctic Monkeys zich in het rijtje van grootheden van de Britpop.

Het eerste album van deze band, met de voor de band zo typerende lange titel "Whatever People Say I Am, That's What I'm Not" is zo'n debuut dat maar zeer zelden voorkomt in de muziekgeschiedenis. Uit alles blijkt dat deze plaat nog maar het begin is van een zeer interessante carrière van de Arctic Monkeys. Hoe groot de band nu echt zal worden, kunnen we pas over vele jaren bepalen, maar de toon is gezet.

Vol spanning wachten we eerst maar eens af wat 2007 zal brengen, waarin de fans onder meer een nieuw album van de band kunnen verwachten.