Het succesverhaal van Bruce Springsteen: al 65 jaar de baas

"Ik zag de toekomst van de rock-'n'-roll en zijn naam luidt Bruce Springsteen", schreef muziekcriticus Jon Landau in 1974. Veertig jaar na dato schrijft The Boss nog steeds muziekgeschiedenis.

De Amerikaanse rockster Bruce Springsteen mag zich vanaf heden bejaard noemen, maar wie zijn recente concerten bezocht, zal denken dat hij de eeuwige jeugd bezit.

Drie uur durende optredens van Springsteen en zijn E Street Band zijn nog steeds eerder een regel dan een uitzondering. In 2012 gaf hij zelfs het langste concert ooit.

"Er zijn twee soorten mensen: zij die van Bruce Springsteen houden en mensen die hem nog nooit live hebben gezien", luidt een spreekwoord onder fans. Tijdens zijn verregende show in het Goffertpark zette The Boss die uitspraak kracht bij. In januari verscheen High Hopes, waarop hij liet horen nog midden in de actualiteit te staan.

Bruce Frederick Joseph Springsteen werd op 23 september 1949 geboren in het ziekenhuis van Long Branch, in de Amerikaanse staat New Jersey. Zijn moeder Adele was van Italiaanse afkomst (zoals veel gezinnen in New Jersey) en zijn vader Douglas van Nederlandse en Ierse afkomst (de naam Springsteen is Nederlands).

Katalysatoren

Springsteen groeide met zijn twee jongere zussen op in Freehold Borough, waar hij een streng rooms-katholieke opvoeding genoot. Hij worstelde met het geloof, met zijn leven als scholier en met zijn moeizame band met zijn vader, die vaak werkeloos was. Het bleken allen inspiratiebronnen voor veel van zijn latere songteksten.

Zijn moeder was even belangrijk in zijn muzikale ontwikkeling. Van haar kreeg de jonge Bruce op dertienjarige leeftijd zijn eerste gitaar en drie jaar later nam ze als broodwinnaar van het gezin zelfs een lening zodat hij een Kent-gitaar kon kopen. Zijn liefde voor muziek werd aangewakkerd door Elvis Presley en The Beatles.

Bijnaam

Vanaf zijn zestiende was Springsteen lid van diverse bands, achtereenvolgens The Castiles, Earth, Steel Mill, Dr. Zoom & The Sonic Boom, Sundance Blues Band en de Bruce Springsteen Band. In deze periode kreeg hij de bijnaam The Boss en leerde hij de latere E Street Band-leden Danny Federici en Steve Van Zandt kennen.

The Castiles - Catch The Wind (Live, 1967)

Op aandringen van Springsteens toenmalige manager Mike Appel deed de zanger in 1972 auditie voor Columbia Records. Daar werd hij gespot door de invloedrijke producer en talentscout John Hammond, die ook deels verantwoordelijk was voor de eerste successen van Springsteens voorbeelden Bob Dylan en Pete Seeger.

Mondjesmaat

De platenfirma bood Springsteen een contract aan en met een klein budget werden zijn eerste twee albums gemaakt: het met ingetogen folksongs doorspekte Greeting From Asbury Park, N.J. en het meer op R&B gerichte The Wild, The Innocent & The E Street Shuffle, beide uitgebracht in 1973. De albums verkochten mondjesmaat.

Het succes kwam in 1975, nadat muziekrecensent Jon Landau het management van Mike Appel overnam en Springsteen hielp met het maken van het album Born To Run. Springsteen vond het maken van het album frustrerend en was ontevreden met de opnamesessies. Desondanks piekte de plaat op 3 in de Amerikaanse albumlijst.

Vertraging

Juridische problemen met Mike Appel waren een bittere pil na Springsteens eerste hitlijstsucces en het album Darkness On The Edge Of Town liep ruime vertraging op. In de tussentijd trad Springsteen veelvuldig op en hij schonk hits aan The Pointer Sisters, Patti Smith, Southside Johnny en Manfred Mann's Earth Band.

Bruce Springsteen - Badlands (Live in Phoenix, 1978)

In de jaren 80 bereikte de populariteit van Springsteen zijn absolute piek, ondanks gewaagde artistieke keuzes. Hungry Heart was zijn eerste Amerikaanse top 10-hit, afkomstig van het dubbelalbum The River uit 1980. Het daaropvolgende Nebraska was een donker, minimalistisch folkalbum, bestaande uit akoestische demo’s.

Fonkelend

Uit deze sessies stamde de originele opname van Born In The U.S.A., dat in 1984 het titelnummer zou worden van zijn volgende plaat. In een nieuwe, fonkelende studioproductie van Bob Clearmountain (in hetzelfde jaar verantwoordelijk voor de doorbraak van Bryan Adams) was het een van de zeven top 10-hits van het album.

Er volgde een roerige periode voor The Boss. Hij scheidde van Julianne Phillips, nadat hij een verhouding kreeg met achtergrondzangeres Patti Scialfa. Zijn werkrelatie met Steve Van Zandt bekoelde en The E Street Band was grotendeels afwezig op Tunnel Of Love, dat bij lange na niet zo’n succes was als zijn voorganger.

Oost-Berlijn

Live was Bruce Springsteen echter nog steeds een fenomeen. Hij trad voor 300.000 toeschouwers op in Oost-Berlijn tijdens zijn Tunnel Of Love Express Tour, waar hij de bezoekers aanmoedigde 'op een dag alle barrières omver te werpen'. Hij vergezelde Peter Gabriel en Sting tijdens en tournee voor Amnesty International.

Bruce Springsteen - Chimes Of Freedom (Live in Oost-Berlijn, 1988)

Zijn populariteit liep terug in de jaren 90 en de plaatverkopen waren bescheidener dan in het voorgaande decennium. Een goed verkopend Greatest Hits-album en de single Streets Of Philadelphia, behorende bij de Tom Hanks-film Philadelphia, waren zijn grootste verdiensten. In 1999 volgde een reünie met The E Street Band.

Tijdsgeest

De terroristische aanslagen van 11 september 2001 gaven Springsteen de inspiratie een nieuw album te maken, getiteld The Rising. Voor het eerst in jaren wist hij weer de tijdsgeest te vangen met zijn liedjes en de plaat werd beschouwd als een comeback. Bovendien was het zijn eerste album met The E Street Band sinds 1984.

In de twaalf jaar sinds The Rising verscheen is Bruce Springsteen productiever dan ooit, met gemiddeld om de twee jaar een nieuw album, enkele livealbums en diverse heruitgaven. Hij mag inmiddels dan wel 65 jaar oud zijn, maar Springsteen wordt door menig jonge band als voorbeeld genoemd. Er kan er maar één The Boss zijn.

Lees meer over:

Facebook & Twitter

Facebook & Twitter
Volg het nieuws van NU.nl/Entertainment ook op Facebook en Twitter

NUshop

Tip de redactie