Alweer 27 jaar geleden scoorde de Ierse zangeres Sinéad O'Connor haar eerste hit in Nederland met Troy. Inmiddels is ze toe aan haar tiende studioalbum, die de diversiteit van haar oeuvre onderstreept.

Het album zou eigenlijk The Vishnu Room gaan heten, naar een van de nummers op de plaat, maar O'Connor veranderde de titel naar I'm Not Bossy, I'm The Boss, ter ondersteuning van een feministische campagne. In haar lyriek wijdt ze wederom uit over religie, relaties en vrouwenrechten, zij het verpakt in zeer behapbare popliedjes.

Topnummers:

1. Take Me To Church
"Take me to church, I’ve done so many bad things that hurt", zingt O'Connor openhartig in de eerste single van het album. Het liedje is opgewekt van toon en autobiografisch van aard. Ze vat in drie minuten min of meer haar gehele roerige privéleven en omstreden carrière samen, zonder direct iets te benoemen.

2. 8 Good Reasons
Vorig jaar stuurde Sinéad O'Connor nog een goed bedoelde openbrief aan Miley Cyrus, hoewel de intenties niet echt overkwamen bij de jonge popster. In 8 Good Reasons valt ze de muziekindustrie aan. "You know, I love to make music, but my head got wrecked by the business", sneert O'Connor in het anderzijds positieve lied.

3. James Brown
Waar O'Connor in The Vishnu Room en Harbour nog refereert aan haar Ierse roots, verrast ze op het nummer James Brown met een zonnige mix van funk en afrobeat, met gastbijdrages van Seun Kuti. Haar ijzige vocalen passen niet echt bij de speelse instrumentatie, al is het een verfrissende aanvulling op haar serieuze repertoire.

Plus- en minpunten:

O’Connor is muzikaal gezien niet meer zo relevant als ze twintig jaar geleden, maar haar politieke en sociale commentaar blijft tot haar speerpunten behoren. Dat ze daarbij soms wat achterhaalde producties aflevert, maakt dat ze vooral voor eigen parochie preekt. Die urgentie wordt verruild voor aangename songs als Dense Water Deeper Down.