Lily Allen is na vier jaar afwezigheid terug in de muziek, en hoe! Met haar comebackalbum Sheezus sneert ze de mond van de critici die vermeende vetes tussen popprinsessen willen uitvergroten. 

"Ik heb het juist geschreven omdat ik het belachelijk vind dat zangeressen in de media steevast als elkaars concurrenten worden neergezet. Dat doen ze toch ook niet bij zangers?”, zegt ze in Metro.

Op het eerste titelnummer Sheezus lijkt het net alsof Allen moet vechten om de hits met de collegazangeressen.

"Natuurlijk is dat refreintje niet serieus bedoeld. Ik heb echt niet het gevoel dat ik op moet boksen tegen al die andere zangeressen, ik word heus niet elke ochtend huilend wakker met de gedachte: ’oh mijn god, als ik maar méér verkoop dan Adele!'"

Volgens de Not Fair-zangeres draait het sowieso niet om hoeveel albums ze wel of niet verkoopt. "Toen ik begin mei voorstelde, zei het label meteen: ’zou je dat nou wel doen, Rita Ora komt dan óók met een plaat’. Wat kan mij dat nou schelen, ben ik soms een mislukkeling als ik een paar albums minder verkoop dan zij?", vraagt ze zich af.

Mannenoogpunt

Allen is dan ook van mening dat alles in de muziekbusiness vanuit het mannenoogpunt wordt gezien. "Ze zouden zoiets nóóit zeggen als Coldplay op dezelfde dag met een album komt als ik."

"Nee, het is altijd vrouwen tegen vrouwen. Wie verkoopt het meest, wie ziet er het best uit, wie heeft het mooiste post-baby-bikinilichaam… Ik denk dat het is omdat mannen nog steeds de dienst uitmaken in de media. En dit is hun manier om controle te houden over succesvolle vrouwen.”