Een gesjeesde student van Harvard, tijdelijk communist, pacifist, bajesklant, milieuactivist en folklegende. De maandag overleden folkmusicus Pete Seeger was het allemaal.

Heel zijn leven bleef hij activist. Zijn nummer We Shall Overcome werd het symbool van de strijd voor gelijkberechtiging van de zwarten in de VS. Muzikaliteit zat Seeger in het bloed. Zijn vader was muziekleraar, zijn moeder violiste.

Seeger zelf koos op 18-jarige leeftijd voor de banjo. Dat zou het instrument zijn waarmee hij een revolutie in de folkmuziek leidde. Het kostte hem wel zijn studie aan Harvard: de banjo vroeg te veel aandacht.

Seeger staat in de traditie van folkmuzikanten als Woody Guthrie, die geregeld kritiek hadden op de Amerikaanse samenleving. Hij richtte op 21-jarige leeftijd de Almanac Singers op. Hij trad met deze controversiële band echter op onder een schuilnaam, Pete Bowers. 

Zijn teksten zouden namelijk vervelend kunnen uitpakken voor de politieke carrière van zijn vader. De pacifistische, linkse boodschap die zijn band verspreidde, viel niet overal in goede aarde, al groeide de populariteit van de Almanac Singers in de Tweede Wereldoorlog.

Activisme

Seeger ging eind jaren 40 optreden onder zijn eigen naam. Het activisme verdween nooit. Zijn tweede band The Weavers, opgericht in 1947, werd bijvoorbeeld genoemd naar het toneelstuk van Gerhardt Hauptmann Die Weber, over een staking. Seeger had toen al een hit gescoord met If I Had A Hammer.

The Weavers droegen een minder uitgesproken boodschap uit dan zijn eerste groep: zij zat meer verhuld in de tekst. The Weavers scoorden begin jaren 50 een reeks hits, waaronder On Top Of Old Smokey, Goodnight, Irene en Tzena, Tzena, Tzena. Het succes was echter geen lang leven beschoren.

In 1953 hief de groep zich op, nadat Seeger en zijn mannen het slachtoffer waren geworden van de anticommunistische stemming van die tijd. In die dagen zat hij ook een jaar in de cel wegens 'on-Amerikaanse activiteiten'. Seeger, in de jaren 40 kortstondig lid van de Communistische Partij, was een voorvechter van mensenrechten, pacifisme en milieu-activisme.

Symbool

Solo hield Seeger het langer uit, zeker toen eind jaren 50 en in de jaren 60 de folk weer floreerde. Hij scoorde hits als Where Have All The Flowers Gone, ook bekend in de versie van Marlene Dietrich, en We Shall Overcome, waarvan Lucille Simmons in 1946 de eerste plaatopname maakte. Dat laatste nummer werd een symbool in de strijd voor gelijke rechten voor de zwarte bevolking van de VS.

Hoewel daarmee Seeger zijn belangrijkste muzikale kruit had verschoten, bleef hij schrijven. Dat leverde in 1997 nog een Grammy Award op. Tot op het laatst was Seeger actief. Hij bleef nummers schrijven, bijvoorbeeld tegen de wereldleiders en milieuvervuilers, zoals in 2010 een nummer over het olielek in de Golf van Mexico.