Het gedetineerde Pussy Riot-lid Maria Alechina, dat sinds vorige week woensdag in hongerstaking is, is dinsdag overgebracht naar de ziekenafdeling van het strafkamp in Berezniki. 

Dat heeft Pjotr Verzilov, de echtgenoot van een van Alechina's medebandleden, bekendgemaakt.

Eerder dinsdag werd bekend dat Alechina maandag in een brief haar beklag heeft gedaan over de vervolging waaraan zij in het strafkamp zegt te worden blootgesteld. Alechina zegt dat de gevangenisautoriteiten alles in het werk stellen om haar medegevangenen tegen haar op te zetten.

Eerder zat Alechina vijf maanden in eenzame opsluiting nadat zij zich erover had beklaagd dat zij door de gevangenisautoriteiten met opzet bij geharde misdadigers was gezet om haar te initimideren.

Vervroegde vrijlating

Vorige week donderdag werd Alechina's verzoek tot vervroegde vrijlating door een rechtbank in Perm afgewezen. De rechtbank ging mee in de verklaring van het Openbaar Ministerie dat Alechina systematisch de opdrachten en regels van de gevangenisautoriteiten aan haar laars heeft gelapt en er ook geen blijk van heeft gegeven dat zij de misdaad waarvoor zij is veroordeeld betreurt.

Alechina ging een dag eerder in hongerstaking. Zij mocht van de rechter niet persoonlijk aanwezig zijn bij de zitting waarop haar verzoek tot vervroegde vrijlating zou worden behandeld. Uit protest daartegen besloot Alechina tot een hongerstaking en gaf zij haar advocaat opdracht de zitting te boycotten.

Hoger beroep

Alechina en haar mede-bandleden Nadezjda Tolokonnikova en in eerste instantie ook Jekaterina Samoetsevitsj werden verleden jaar tot twee jaar strafkamp veroordeeld. Samoetsevitsj kreeg in hoger beroep een voorwaardelijke straf en haar bleef dus het strafkamp bespaard. Een verzoek om vervroegde vrijlating van Tolokonnikova werd vorige maand afgewezen.

De leden van de vrouwenpunkband Pussy Riot werden veroordeeld omdat zij in de belangrijkste kathedraal van Moskou een protestlied tegen Vladimir Poetin ten gehore hadden gebracht.