AMSTERDAM - Begin vorig jaar verliet de Amerikaanse rockband Good Charlotte platenmaatschappij Daylight (Sony) en tekende bij Capitol (EMI). In november bracht Sony alsnog een Greatest Hits uit, tot ongenoegen van de tweelingbroers Joel en Benji Madden.

“Het is echt rotzooi”, zegt Benji over de verzamelaar. “Alsof iemand het binnen tien minuten in elkaar heeft gezet. Ik heb nog liever dat kids onze muziek illegaal downloaden.”

Joel is milder gestemd en doet zijn best om Benji's ferme taal te nuanceren. “Als wij inspraak hadden gehad, was het niet gebeurd. Het is te vroeg voor een Greatest Hits. Maar we gaan er niet zielig over doen. Zaken zijn zaken. En bovendien: echte fans kennen onze liedjes al omdat ze onze platen hebben.”

Met de verhuizing van Sony naar EMI zette Good Charlotte een punt achter een tien jaar durende samenwerking. De band bracht vier albums uit onder de Daylight-vlag, waarvan The Young And The Hopeless uit 2002 de commerciële doorbraak van de poppunkband betekende.

Ook de opvolgers, The Chronicles Of Life And Death (2004) en vooral Good Morning Revival (2007), waren kaskrakers. Het vorig jaar oktober verschenen Cardiology is Good Charlotte's eerste release in dienst van EMI.

Op hun zestiende, in 1995, richtten de Madden-broers Good Charlotte op. Vijftien jaar later is er veel veranderd. Diverse bandleden hebben een gezin opgebouwd. Zo ook Joel: hij heeft twee kinderen met echtgenote Nicole Ritchie.

“Als Good Charlotte er niet was, maakte ik geen muziek meer”, aldus de jongste Madden. “Je moet jezelf de vraag stellen hoe lang je van je familie gescheiden kunt zijn. We hebben een makkelijke baan omdat we elkaar mogen, maar hoe lang kun je het missen van je kinderen volhouden?”

Omdat de Maddens al hun hele volwassen leven in een band zitten, kunnen ze zich volgens Joel beter dan andere bands vinden in de werkethiek van 'gewone' mensen. “We gaan naar ons werk zoals iedereen dat doet”, legt Joel uit.

“Soms heb je goede dagen, soms slechte. Maar je moet hoe dan ook het podium op; mensen hebben betaald om je te zien. Daar denken we niet lichtzinnig over. We kunnen niet een concertzaal binnenwandelen en doen alsof we alle aandacht verdienen. We moeten steeds weer laten zien dat we blij zijn met de kansen die ons geboden worden.”