AMSTERDAM - Op 31 januari treedt de Deense zangeres Agnes Obel op in een uitverkochte Paradiso. Reden: het succesvolle, vorig jaar oktober uitgebrachte debuutalbum Philharmonics. De plaat ontstond in Berlijn, waar Obel sinds 2005 woont en werkt.

De verhuizing was ingegeven door de wens om nu eindelijk eens die lang gekoesterde wens in vervulling te laten gaan: een album maken, alleen, zonder inmenging van anderen. “Het moest er een keer van komen: gaan zitten met mijn pianostukken en er goed mee aan de slag gaan”, aldus de frêle zangeres. “Die gedachte heeft me lang achtervolgt. Zo van: ‘Kom op, Agnes, je móet dit doen.’ Berlijn bleek de perfecte omstandigheden te bieden.”

“Het was een interessante periode. In het begin ging ik veel om met andere Denen, samen ontdekten we de stad. Daarna raakte ik wat eenzamer: mijn vriendje ging voor een paar maanden terug naar Denemarken en ik was helemaal alleen in de stad. Dat is heel moeilijk als je een buitenlander bent en helemaal niemand kent.”

Obels muziek profiteerde volop van de stilte in haar sociale leven: de zangeres had plotseling alle tijd om nieuwe dingen uit te proberen. “Het was een ideale situatie om rustig te gaan zitten en me op de liedjes te focussen. Ik had het alleen zijn nodig en had geen behoefte aan de mening van andere mensen.”

Kortom: Philharmonics is Agnes Obel op haar puurst. “Van de mensen die ik in Berlijn ontmoet heb, en die een belangrijke inspiratiebron zijn voor mijn muziek, heb ik geleerd dat het heel belangrijk is dat je precies maakt wat je wilt maken. Als je elke dag van elk jaar wilt experimenteren met rare geluiden, doe dat dan. Ik kan nu zeggen dat ik altijd precies datgene doe waar ik zin in heb.”