AMSTERDAM – In de eerste helft van de jaren '90 was Cypress Hill één van meest succesvolle hiphopgroepen. Op het achtste album Rise Up klinkt het viertal weer ouderwets als zichzelf.

“Vroeger had iedereen zijn eigen sound, tegenwoordig kun je niet meer onderscheiden wie wie is”, aldus percussionist Eric “Bobo” Correa.

Cypress Hill werd in 1988 opgericht en debuteerde in 1991 met een titelloos album. Dat werd een groot succes, net als opvolger Black Sunday (1993) dat de hit Insane In The Brain voortbracht. In april verscheen het achtste studioalbum Rise Up.

Een groot aantal gasten maakt zijn opwachting, waaronder Rage Against The Machine-gitarist Tom Morello en System Of A Down-gitarist Daron Malakian.

“Er is altijd een verhaal te vertellen”, legt Bobo uit. “Ik denk dat we onszelf nog niet uitgeput hebben. Dit album is een verfrissend album voor ons. We hadden de kans om met verschillende mensen te werken en ons op verschillende manieren en in verschillende genres uit te drukken.”

Dat Cypress Hill geen platenlabel had was een voordeel. “We hadden alle tijd. Dat was een openbaring: kunnen experimenten zonder op de tijd te hoeven letten. Op dit album laten we onze evolutie zien.”

Essentie

Bobo heeft gedurende zijn lange loopbaan het hiphopgenre drastisch zien veranderen. De essentie is hetzelfde, maar de gehanteerde “waarden” zijn anders in de hedendaagse hiphop.

“In de jaren tachtig en negentig hadden alle groepen echt hun eigen sound. Ieder was op zijn eigen manier bekend. Er werd niets gekopieerd, iedereen had een karakteristieke sound. Tegenwoordig kun je soms niet meer onderscheiden wie wie en wat wat is.”

Achtergrond

De 41-jarige percussionist is de eerste om toe te geven dat zijn achtergrond bij deze beeldvorming een rol speelt. “Ik kom uit een andere school”, vertelt hij. “Ik ben van de generatie die hiphop heeft zien groeien en wilde dat het genre evolueerde.”

Dat gebeurt tegenwoordig te weinig, vindt hij. “Er zijn goede rappers, MC's en producers, maar geen echte uitschieters. Vroeger had je stand out producers, tekstschrijvers en b-boys [breakdancers, red.]. Dat heb je nu niet meer.”