AMSTERDAM - “Blijf zoeken, zo zeggen we het vaak in The True Loves, blijf zoeken, want anders raak je verdwaald.”

Volgens Eli “Paperboy” Reed, de Amerikaanse soulzanger die begin 2010 met zijn band door Europa toerde, kan de volgende plaat altijd beter.

Maanden voor de release van het derde album Come And Get It in april 2010, was hij alweer bezig met het volgende. “Wat ik nu geschreven heb klinkt alweer helemaal anders dan deze cd. Ik moet me blijven ontwikkelen.”

Reed (26, geboren als Eli Husock) en zijn band krijgen vaak te maken met mensen die een label aan hun muziek willen hangen – bij een oppervlakkige luisterbeurt doet hun repertoire sterk denken aan het Amerika van de jaren '60.

Zelf is Reed terughoudend om zijn muziek al teveel te categoriseren: “Ik ben niet van plan mezelf in een hokje te plaatsen,” legt hij uit.

Grenzen

“Voordat mensen met me praten of me leren kennen, hebben ze het idee dat ik in een strak geregisseerde, jaren zestig-achtige wereld leef, wat echt totaal niet het geval is. Ik ben gek op die muziek, maar ik wil me daar niet aan binden; ik wil mijn grenzen kunnen verkennen.”

Een radicale stijlbreuk valt echter niet te verwachten. Hoeveel Reed zijn muzikaliteit ook zal ontwikkelen, het geluid van de band zal ongeveer hetzelfde blijven: “Ik denk niet dat je jezelf daarin kunt dwingen. Je moet gewoon als jezelf klinken."

"Je kunt de dingen waarmee je bent opgegroeid of waarnaar je luisterde in je jeugd niet ontkennen. Je bent een product van al die invloeden. Het is niet zo dat ik dacht: 'laat ik eens een plaat maken die klinkt als 1967', zo werkt het niet. Ik wil alleen als mezelf klinken. Als dat betekent dat ik dan een beetje als de jaren zestig klink, dan is dat maar zo.”

Liefde

Hetzelfde geldt voor zijn teksten. Hoewel de woorden die hij zingt veranderen, zal het onderwerp altijd hetzelfde zijn: de liefde.

Reed heeft niet de behoefte om steeds op zoek te gaan naar nieuwe dingen om over te schrijven: “Nieuw is een suggestief idee, ik weet niet echt wat daarmee bedoeld wordt. Volgens mij kun je altijd nieuwe manieren verzinnen om over liefde en relaties en dat soort dingen te praten, en die zijn allemaal even effectief.”

Strijkers

Come And Get It is het eerste 'Paperboy'-album dat bij een grote platenmaatschappij verschijnt (Parlophone). Dat betekende dat er bij het opnemen van de plaat veel meer ruimte was om het groots aan te pakken. Reed kon bijvoorbeeld zoveel muzikanten inhuren als hij maar wilde: “We hadden tien strijkers en zes of zeven hoornspelers,” vertelt Reed.

Dat maakte een groot verschil met de eerdere albums: “Als je tien strijkers in een ruimte hebt, klinkt dat twee keer zo hard en kun je ook het omgevingsgeluid opnemen. Veel mensen zeggen dat je ook gewoon één strijker tien keer kunt opnemen, maar dat klinkt toch niet hetzelfde.”