AMSTERDAM - Ahoy was donderdagavond een woonkamer. En daar was Coldplay verantwoordelijk voor. De Engelse band speelde de eerste van twee concerten in Rotterdam voor een uitverkochte en uitzinnige zaal.

Met nummers van hun laatste album 'Viva la vida' maar ook oude nummers zoals 'Talk' en 'The scientist' speelden zanger Chris Martin en zijn bandleden voor het publiek alsof het hun beste vriend was.

Het publiek begon even voor 21.30 uur ongeduldig te worden toen uit de speakers de Weense Wals galmde. Als in een voetbalstadion deinde iedereen mee, toen plotseling het licht uitging en de band begon met het nummer 'Life in technocolor' dat vloeiend overging in de eerste single van het laatste album 'Violet Hill'.

Lichtgebruik

Het publiek had de smaak al snel te pakken en zong uit volle borst mee. De band was nauwelijks te zien door het weinige lichtgebruik, waardoor de muziek belangrijker werd. In rap tempo kwamen hits als 'Clocks' en 'Speed of sound' voorbij. Na dit laatste nummer vroeg Martin om het licht aan te doen, zodat hij zijn publiek gedag kon zeggen en te bedanken voor hun komst. Dit deed hij overigens in het Nederlands met de woorden 'Dank je wel vrienden'.

Dat het publiek Coldplay's en voornamelijk Martin's vrienden waren, werd duidelijk toen hij het publiek om verzoeknummers vroeg. Hierop speelde de voorman in zijn eentje op de piano 'Trouble' en 'The hardest part'. Ook hier stond door het weinige licht de muziek centraal, waardoor er een intieme sfeer ontstond in Ahoy.

Extraatje

Het was 'Viva la vida' dat Ahoy op zijn kop zette. Het opzwepende nummer van het gelijknamige album zong iedereen uit volle borst mee en ook de bandleden speelden het lied vol overgave. Zelfs toen het nummer afgelopen was kreeg het publiek er geen genoeg van en bleef het doorzingen. Het was dan ook een extraatje dat even later het nummer nogmaals voorbij kwam, maar dan in een remix.

Maar dat was niet het enige hoogtepunt van de avond. Terwijl het donker in de zaal werd en de bandleden van het podium vertrokken, wist het publiek even niet waar het aan toe was. Totdat Coldplay ineens achter in de zaal op de eerste ring midden in het publiek stond.

Tamboerijn

Chris Martin vertelde dat hij vond dat de mensen achter in de zaal ook recht hadden op een goed uitzicht. Met alleen gitaren en een tamboerijn speelde de band twee nummers, waar onder ook 'Death will never conquer', dat niet onverdienstelijk gezongen werd door drummer Will Champion.

Aan het einde van het concert, tijdens het spelen van de nieuwe single 'Lovers in Japan', dwarrelden duizenden gekleurde papieren vlinders naar beneden. De band eindigde met het nummer 'Yellow' waarbij de zaal met een warm geel licht gekleurd werd.

Coldplay zet Ahoy op zijn kop