AMSTERDAM - Er is veel geschreven over het overheersende, deprimerende gevoel dat James Blunt met zijn muziek uitdraagt. Dinsdag stond de Engelsman in een dik uitverkochte Heineken Music Hall en de toon van de avond was alles behalve neerslachtig.

Al vanaf het moment dat Blunt het podium betrad was te zien dat zowel publiek als de man om wie het eventjes allemaal draaide zelf, er zin in hadden.

Blunt, vergezeld door vier muzikanten, begon de avond ondanks een uitbundige opkomst rustig. Het eerste half uur bracht het vijftal niets dan ballads. Al snel werd duidelijk dat er meer nodig was dan alleen de tamme popsongs om eenieder bij de les te houden.

Voorgrond

Na de ietwat saaie introductie kwam het stel op gang. Up-tempo nummers werden afgewisseld met stille, akoestische songs waarbij de 34-jarige Blunt enkele malen alleen op de voorgrond trad.

Wanneer we Blunt zo van achter zijn piano bekijken moet toegegeven worden dat hij toch iets mist. De man schroomt er niet voor zware onderwerpen te kiezen voor zijn songs, maar verliest aan geloofwaardigheid wanneer we haast niets van emotie terug vinden in de mimiek, noch het stemgeluid van de zanger.

Grenzen

De strot van de Brit is zonder twijfel hetgeen wat hem overeind houdt. Het volume en de longinhoud zijn vele malen beter dan die van de gemiddelde popzanger en Blunt weet ontzettend goed waar de grenzen van zijn bereik liggen.

Ondanks het ontbreken van het intense gevoel heeft Blunt laten zien dat hij wel degelijk iets van oprechtheid in zich heeft.

James Blunt is geen depressieve jongen. Gewoon een fijne vent die het heerlijk vindt om muziek te maken en dit met anderen te delen.

James Blunt in Amsterdam