James maakt al zo'n twintig jaar alternatieve gitaarpop die veelal wordt vergeleken met The Smiths. Als je zanger Tim Booth bezig hoort kun je inderdaad niet anders concluderen dan dat zijn hoge stem opvallend veel overeenkomsten vertoont met die van Morissey.

Na afwezigheid van zes jaar voegt Tim Booth zich weer bij de band die hij twintig jaar geleden zelf stichtte. Dat is maar goed ook, want Booth is met zijn bijzondere stem zeer bepalend voor het geluid van James.

Kritiek

James betoont zich op 'Hey Ma' maatschappelijk betrokken. De band uit kritiek op de oorlog in het nummer 'Hey Ma'('The boys in bodybags are coming home') en bekommert zich om het lot van hardwerkende immigranten in 'Upside'.

Maar er is ook ruimte voor kleiner, persoonlijk leed zoals de treffende beschrijving van een jongen die in gedrogeerde toestand moet luisteren naar het geweeklaag van zijn moeder (Whiteboy) of de spijtbetuigingen van een man aan de biertoog (I Wanna Go Home).

Lyrisch

Op 'Hey Ma' horen we een gedreven band die grossiert in lyrische en opwekkende popsongs. Alle registers worden opengetrokken en piano, trompet en gitaar mogen zich uitzinnig laten gelden. Er is hoorbaar zorg besteed aan productie en songopbouw zodat de bitterzoete gitaarpop direct je aandacht trekt.

Naar het einde van de plaat nemen de bandleden wat gas terug, maar het geluid blijft groots en rijk van smaak. Het niveau van The Smiths bereikt James echter niet, daarvoor bezitten de liedjes te weinig vernuft en is het drama iets te gearrangeerd.

Toch is James een aardig alternatief voor die andere band uit Engeland. Met 'Hey Ma' als prima comeback kan James er weer twintig jaar tegen aan.

Luister hier naar James